Daniël 8:1-14 Wereldse heersers vs Jezus' heerschappij
Bij de christen regeert Christus; dat is hoe het hoort te zijn, dat is de standaard. Maar hoe ziet het eruit dat Jezus regeert? Hoe is Hij als leider? En hoe verschilt Hij van leiders en heersers in deze wereld? God geeft ons in Daniël 8 een beeld van hoe wereldse heersers zijn.
- Door dat beeld heen, mogen we ‘Wereldse heersers vs Jezus’ heerschappij’ zien. Het contrast, de focus, de manier van regeren; we horen hier veel van te leren. Met als doel dat we meer en meer overgegeven aan Jezus gaan leven.
Daniël 8:1-2 Wereldse heersers vs Jezus' heerschappij – De geschiedenis rond het visioen
Lukas 24:25-27 “En Hij zei tegen hen: O onverstandigen en tragen van hart! Dat u niet gelooft al wat de profeten gesproken hebben! Moest de Christus dit niet lijden en zo in Zijn heerlijkheid ingaan? En Hij begon bij Mozes en al de profeten en legde hun uit wat in al de Schriften over Hem geschreven was.”
Heel de Schrift wijst op Jezus, getuigt van Hem. Dat gaat soms met beelden, directe profetieën, maar ook in contrasten. Doordat we zien hoe wereldse heersers zijn, kunnen we het contrast schetsen naar hoe en Wie Jezus is. Hij is de Hoofdpersoon van de hele Bijbel, dus zien we Hem overal terug.
- God weet álles; Hij wist al voor de tijd bestond hoe álles zou gaan lopen. Er is geen situatie waar Hij niet vanaf weet, geen mens die Hij niet kent. Keer op keer bewijst Hij dat Hij groter is dan de tijd, dan alles dat wij begrijpen. Dat is de God Die we in Daniël 8 zien.
- Daniël schrijft over dingen “die nog niet plaatsgevonden hebben”, dingen die God besloten heeft dat er gaan gebeuren. Hij schrijft zo precies, dat dit een hoofdstuk is dat ‘verworpen’ wordt door sommige commentatoren. Het kán, volgens hen, niet geprofeteerd zijn.
- Onderschat niet wat Daniël hier ziet. Aan het einde van het hoofdstuk geeft hij aan enige dagen “ziek” te zijn geweest. Hij was “verbijsterd over het visioen” (v27). Hij zag hele heftige, bizarre, grootse dingen. En die waren overweldigend om te zien.
En hij schrijft dit op o.b.v. een visioen. Hij zág dit alles, net als in H7, gebeuren. God communiceert zoals nodig is, om Zijn wil duidelijk te maken. Aangezien God niet verandert, doet Hij dat nog steeds. Hij maakt Zijn wil duidelijk, op Zijn tijd en Zijn manier.
- Ook vandaag, geloven wij als CCH, communiceert God nog via dit soort manieren. Hij geeft nog dromen, visioenen, woorden, etc. Allemaal binnen de grenzen van het Woord, want het Woord is het God-gegeven kader. Maar Hij doet dit nog steeds.
- De gaven van de Geest gaan nog door, want ze zijn voor de opbouw van de kerk. God heeft iedereen hier 1 of meer gaven gegeven, tot opbouw. Daniëls visioen bouwt de kerk nog steeds op; God wil de gave die Hij jou gegeven heeft ook inzetten.
Daniël schrijft vanuit Babel, is 69 jaar oud en zit hier historisch vóór H5. Het lijkt ongeveer 10-12 jaar vóór H5 te zijn, het punt dat Babel nog steeds dé wereldmacht van de tijd is. God gaat Daniël hier inzicht geven in het 2e en 3e rijk van het standbeeld (H2): Medo-Perzië (v20) en de Grieken (v21).
- Hij kreeg een visioen, wat betekent dat hij een soort ‘droom’ kreeg. Hij zág dingen levendig voor zijn ogen gebeuren, in dit geval de toekomst. In dit visioen was hij “in de burcht Susan” (v2). Dit is dezelfde burcht als in Nehemia 1 en Esther 1.
- Susan was op dit moment géén deel van het Babylonische rijk, het was geen stad van betekenis. En toch was dát de plek waar geschiedenis geschreven zou worden, de plek die veel impact zou hebben op de wereld, maar specifiek ook op Israël.
Dat is namelijk waar de focus naartoe verschoven is in H8. H2-7 zijn in het Aramees geschreven, vanaf H8 gaat Daniël verder in het Hebreeuws. Een verklaring hiervoor is dat H2-7 zich vooral richtten op de heidenvolken en alles dat er om Israël heen gebeurde. Vanaf H8 verschuift de aandacht naar Israël.
- De God van de Bijbel is de God van Israël. Israël als naam wordt 2500+ keer genoemd in de Bijbel, God wordt 250+ keer de God van Israël genoemd. Israël is Zijn verbondsvolk (Deut. 7), Hij zorgt voor hen en Hij is nog niet klaar met Zijn volk. Dat is door de hele Bijbel duidelijk.
- De Bijbel is primair door Joden geschreven, gaat in het OT vooral over Israël, wijst ons op de Joodse Messias en laat Gods liefde voor Israël zien. Dat is genoeg reden om als christen, Bijbels, van Israël te houden en voor Israël te bidden.
1 Korinthe 10:1, 6, 11 “En ik wil niet, broeders, dat u er geen weet van hebt dat onze vaderen allen onder de wolk waren en allen door de zee zijn gegaan,
En deze dingen zijn gebeurd als voorbeelden voor ons, opdat wij niet zouden verlangen naar kwade dingen, zoals ook zij verlangd hebben.
Al deze dingen nu zijn hun overkomen als voorbeelden voor ons, en ze zijn beschreven tot waarschuwing voor ons, over wie het einde van de eeuwen gekomen is.”
Zonder Israël te verheerlijken, mogen we wel van hen leren. We mogen inzien dat Gods trouw aan de kerk, ten eerste te zien is in Zijn trouw naar Israël. Vele lessen die wij moeten leren, heeft God al aan Zijn volk willen leren. Laten we dus leren van het voorbeeld van Israël, zonder op hen neer te kijken.
Wat we hier over God Zelf leren, is dat Hij Zijn plannen onthult, dat Hij regeert. We zien dat Hij omziet naar mensen, dat Hij om mensen geeft. Hij wil dat Zijn volk Israël, en de kerk, weten wat er komt en dat Hij dat allemaal overziet. God laat zoveel over Zichzelf zien door dit hoofdstuk heen.
v3-4 Wereldse heersers vs Jezus' heerschappij – De ram t.o.v. Jezus
In v20 wordt bevestigd door een engel, dat de ram naar Medo-Perzië wijst. De details van deze ram zijn heel bijzonder. De ram had 2 horens; waarbij horens een beeld zijn van macht. Dieren gebruikten horens om hun dominantie vast te stellen, want met de horens konden ze vechten.
- Deze ram had horens die ongelijk waren, de ‘Medo’ horen was minder sterk dan de ‘Perzië’ horen (v3). Dit is historisch accuraat, het Medo-Perzische rijk begon meer met de Meden, maar werd daarna steeds meer Perzisch.
Deze ram ‘stootte’ naar 3 windrichtingen, geen enkele vijand kon standhouden tegen de ram (v4). Alle vijanden, dieren, werden overwonnen door de Medo-Perzen. Niemand werd uit hun macht gered, hij deed naar eigen goeddunken en maakte zichzelf groot.
- Dat is allemaal historisch accuraat over dit koninkrijk. Het was machtig, het overwon aan alle kanten. Máár, het was ook een trots en arrogant koninkrijk. Het wilde steeds groter worden en blíjven overwinnen.
- Er was veel verdeeldheid in dit koninkrijk, veel interne strijd tussen leiders. Ook was er de drang om te blijven groeien, dus werd bijvoorbeeld Griekenland aangevallen. Dit leidde tot grote verliezen, zowel economisch als qua militaire status.
- Waarom is dit allemaal belangrijk? Omdat de ram een machtige heerser was, die lange tijd, zo’n 200 jaar, met harde hand regeerde. En toch viel dit koninkrijk, het is niet overeind gebleven. Het werd later vervangen door de Grieken.
Als we dan de parallel trekken naar de Eeuwige Heerser, Jezus Christus, zien we iets anders. We zien een heel ander soort heerser. We zien dat Hij de eeuwig regerende Koning is, Die op een heel andere manier aan Zijn koninkrijk bouwt dan de Medo-Perzen.
Openbaring 1:5 “en van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde. Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed,”
- Jezus is de “Vorst van de koningen der aarde”. Hij wordt in dit hoofdstuk op nog veel meer manieren omschreven, o.a. als Heerser. Het is dan heel mooi om te zien hóe Hij heerst, hóe Hij regeert en hóe Zijn heerschappij er uit ziet voor Zijn onderdanen. Dat is heel anders.
Romeinen 2:4 “Of veracht u de rijkdom van Zijn goedertierenheid, verdraagzaamheid en geduld, zonder te weten dat de goedertierenheid van God u tot bekering leidt?”
Medo-Perzië was door ‘horens’, eigen macht, een koninkrijk aan het bouwen. Jezus bouwt heel anders aan Zijn koninkrijk: door goedheid, verdraagzaamheid en geduld. Hij toont ons Zijn liefde, door voor ons te sterven en op te staan. Hij leidt ons door Zelf liefde te zíjn en vanuit daar te handelen.
- Medo-Perzië was een trots en groot rijk; ze deden wat ze zélf wilden en maakten zichzelf groot (v4). Hoe anders is Jezus? Als je naar Zijn hart, houding en gedrag kijkt, zie je zo iets anders dan hoe de wereld in elkaar zit.
Filippenzen 2:5-9 “Laat daarom die gezindheid in u zijn die ook in Christus Jezus was, Die, terwijl Hij in de gestalte van God was, het niet als roof beschouwd heeft aan God gelijk te zijn, maar Zichzelf ontledigd heeft door de gestalte van een slaaf aan te nemen en aan de mensen gelijk te worden. En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood. Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam,”
Dit is Jezus’ houding als Heerser, als God Zelf. Jezus kwam niet om Zijn macht te laten zien, om wreed te overwinnen, o.i.d. Hij kwam om te dienen, vernederd te worden vóór ons en uiteindelijk te sterven aan het kruis. Zijn hart, Zijn liefde, Zijn gedrag als heerser is zo anders dan dat van de mens.
- Het contrast tussen menselijk leiderschap en Jezus’ leiderschap is gigantisch. Jezus kwam om te dienen, om voeten te wassen en dat zelfs voor degene die Hem ging verraden. Jezus houdt van Zijn vijanden, vergeeft hen, wil dat iedereen tot geloof komt. Hoeveel beter is Hij?!
- Medo-Perzië stond bekend om haar wrede straffen, haar verschrikkelijke behandeling van overwonnen vijanden en haar geweld tegen mensen. Het is niet voor niets dat H7 dit koninkrijk omschrijft als een beer; sterk, machtig, wreed.
Door de ram uit Daniël 8, en door zijn stijl van doen, zien we het gigantische contrast naar Jezus. We zien dat Hij oneindig veel beter is dan álles dat de wereld te bieden heeft. Elke wereldse leider is uiteindelijk bezig met zichzelf; Jezus is bezig met God eren en jou en mij liefhebben.
- Laat je ogen opengaan voor de geweldige glorie van Jezus’ en Wie Hij is. Open je hart voor Wie Hij is en hóe Hij is. Zie het verschil tussen Jezus en de Medo-Perzen, en laat dat je hart terugbrengen bij hoe mooi, geweldig, liefdevol, genadig, geduldig Jezus is.
Het hele Woord, juist ook de profeten, getuigen van Jezus. Dat doen ze direct, maar ook hier indirect. Door te zien hoeveel beter Jezus is, worden we stilgezet bij Zijn glorie, bij hoe geweldig Hij is en hoe hard we Hem nodig hebben. Laat de ram je wijzen op Jezus, doordat Hij beter is.
v5-8 Wereldse heersers vs Jezus' heerschappij – Griekenland vs Jezus
Daniël bleef kijken, ondanks het bizarre dat hij zag (v5), en hij zag een geitenbok. Uit v21 weten we dat dit verwijst naar “de koning van Griekenland”; waarbij de “opvallende horen” de “eerste koning” is. Dit is, historisch gezien, Alexander de Grote. Hij maakte het Griekse rijk groot, in recordtempo.
- De Grieken versloegen de Medo-Perzen (v6), onder zijn leiding. Hij veroverde ruim 5,5 mln km2 aan terrein; en dat in minder dan 12 jaar. Alexander regeerde met “grimmige kracht” (v6), hij was verbitterd tegen Medo-Perzië (v7) en stootte dat koninkrijk omver.
- Medo-Perzië was ontzettend rijk, maar viel om door alles wat er intern gebeurde. Er was verdeeldheid, waardoor Alexander kon aanvallen en overwinnen. De ram was zijn kracht kwijt, waardoor de bok hem op de grond kon gooien en vertrappen (v7).
Deze geitenbok maakte zichzelf “uitermate groot” (v8). Hij was bezig met zijn eigen glorie, zijn eigen rijk, etc. Het einde van Alexander was heel abrupt; hij kwam aan de macht op 20-jarige leeftijd, hij stierf als 32-jarige in Babylon. De grote hoorn brak af en werd vervangen door 4 horens.
- Dit gaat om de 4 generaals van Alexander die het rijk opdeelden. Het kostte Alexander 12 jaar om alles te veroveren en de generaals bijna 40 jaar om het te verdelen. Dat is wat macht met de mens kan doen; trots, egoïsme, etc. komen om de hoek kijken.
- Alexander regeerde met harde hand, was paranoïde en executeerde mensen waarvan hij dacht dat ze hem tegenwerkten. Hij droomde groot, wilde zijn rijk vergroten, wilde de Griekse cultuur verspreiden en was gericht op de korte termijn van zijn rijk.
Christus daarentegen is compleet anders. Hij is de Goede Herder, regeert met liefde. Hij executeert niet, Hij wekt tot (eeuwig) leven. Jezus maakt het oude nieuw, wil dat we onze oude natuur afleggen en gaan leven voor wat nieuw is, dat we ‘in Hem’ leven (Johannes 15).
- Jezus droomt nog veel groter dan Alexander; Hij stierf voor de zonde van de wereld, Hij wil dat níemand verloren gaat. Jezus wil het Evangelie en haar cultuur van liefde verspreiden, Hij is gericht op de eeuwigheid, niet primair op de korte termijn van dit leven.
Waar de oude heerser bezig is om met harde hand te hervormen naar zijn ideeën, is Jezus ons met liefde tot Zichzelf aan het trekken. Hij wil je hervormen van je oude mens, naar de nieuwe mens die je ‘in Hem’ bent. Hij wil dat je geregeerd wordt door Hem, door Zijn liefdevolle, genadige hand.
- Waar Alexander kwam om te heersen, kwam Jezus om te dienen. Alexander overwon door militaire strategieën en overrompeling; Jezus overwint harten door Zichzelf volledig te geven. Jezus is zo anders dan wereldse leiders, dan het oude van deze wereld. Hij maakt alles nieuw.
De nalatenschap van Alexander was een groot rijk, maar hij was wel dood. Hij had de Griekse cultuur verspreid, vele veldslagen gewonnen, maar zijn nalatenschap werd langzaam en pijnlijk verdeeld onder zijn generaals.
- Jezus’ ‘nalatenschap’ is Zijn Woord, Zijn liefde, Zijn offer en eeuwig leven. Hij geeft ons de mogelijkheid om als een nieuwe schepping te leven, om Hem te eren met ons hele leven. Jezus stierf, zodat jij kan leven; Hij overwon de grootste vijand, omdat wij dat zelf niet kunnen.
Hoe meer je gaat zien Wie Jezus is, hoe meer je gaat zien dat Hij jouw overgave waard is. Hoe meer je de oude dingen van de wereld gaat zien voor wat ze zijn, hoe meer je naar het nieuwe gaat verlangen. En hoe meer je afhankelijk wordt van God, want niemand kan uit zichzelf leven naar die nieuwe staat.
- Alexander verwachtte onderworpenheid en verandering door harde hand. Jezus wil jou veranderen, van de oude- naar de nieuwe natuur, door dat ín jou te doen. Hij wil het willen én het werken in jou doen. Hij wil doen wat jij uit jezelf onmogelijk kan doen.
Mattheüs 11:28-30 “Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven. Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel; want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.”
Dit is Jezus, dit is de essentie van Wie Hij is: zachtmoedig en nederig van hart. Dat kan je niet zeggen van wereldse leiders, dit kan alleen over Jezus gezegd worden. Laat Die Jezus je leiden, niet langer de oude dingen van deze wereld, niet langer wereldse leiders; leg je leven in Jezus’ handen.
v9-14 Wereldse heersers vs Jezus' heerschappij – Antiochus Epiphanes vs Jezus
Van de 4 generaals kreeg Ptolemaeus I Soter kreeg het gebied met Egypte én Israël erin. Uit zijn lijn kwam de ‘kleine hoorn’, die “uitzonderlijk groot werd” (v9). Hij veroverde naar het zuiden en oosten, “naar het sieraadland toe”; dat gaat over Israël, Gods sieraadland.
- Hij “werd groot” (v10) en overwon ‘het leger van de hemel’. De uitleg in v24 laat zien dat hij ‘Machtigen te gronde ging richten’, wat over “het heilige volk” gaat. Dit leger is dus Israël, dat misleid werd door Antiochus.
Hij maakte zichzelf groot, alsof hij God Zelf was (v11). ‘Epiphanes’ betekent ‘God zichtbaar/aanwezig’, dat is de titel die hij zichzelf gaf. Hij verbood het offeren in de tempel, liet afgodenbeelden in de tempel zetten en offerde een varken op het altaar van de Joodse tempel. Dit is godslastering.
- Israël was in die tijd afvallig (v12), veel Joden gingen mee met de Griekse cultuur die door Antiochus gebracht werd. Ze verlieten de waarheid van Gods Woord, die werd “ter aarde” geworpen door Antiochus.
Miller: “de boeken 1 Makkabeeën en 2 Makkabeeën melden dat velen in Israël niet trouw bleven aan hun God en zelfs de afgodische Griekse religie aannamen (vgl. 1 Makk. 1:11–15, 43). Deze zonden zouden Gods tuchtiging hebben gebracht om de natie te reinigen.”
God liet dingen toe in Israël, zodat ze hun weg terug zouden vinden naar Hem. Engelen spreken in v13-14 over hoe lang God Antiochus zijn gang zou laten gaan (v13). Het antwoord is 2300 dagen, waarna het heiligdom “in rechten hersteld” wordt (v14).
- De simpelste verklaring hiervan is dat het 6,3 jaar duurde vóór God Antiochus strafte. In 170 BC werd de hogepriester vermoord, waarna er een ‘vervanger’ aangesteld werd door Antiochus. 6,3 jaar later werd de tempel opnieuw ingewijd, in 164 BC, het Chanoeka-feest.
- Jezus vierde dit feest in Johannes 10, waar Hij aangeeft dat Zijn schapen Hem volgen, dat Hij en de Vader één zijn. Jezus gebruikt de traditie, Chanoeka, om mensen op Hemzelf te wijzen. Dat is altijd het doel, dat álles naar Jezus wijst.
Antiochus noemde zichzelf ‘God aanwezig’. Antiochus wilde mensen weghouden bij de God van Israël, wilde Gods Woord aan de kant schuiven, vermoorde duizenden Joden. Hij was een vreselijke, wrede, leugenachtige en bedriegende leider.
- Jezus heeft de titel “Immanuel” (Mattheüs 1), Hij is écht God Die aanwezig is. Hij is naar de aarde gekomen voor jóu. Hij is bíj je in je situatie, draagt je er doorheen. Jezus is God Die mens werd, omdat Hij van je houdt.
- Ondanks wat de Joden dachten, was Jezus niet bezig om mensen bij de God van Israël weg te houden. Hij vervult de wet en de profeten (Mattheüs 5), zodat wij juist bíj Hem kunnen komen. Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven, náár de God van Israël.
- Antiochus bracht dood en verderf, Jezus brengt eeuwig leven. Jezus wil dat ieder mens eeuwig leeft, ín en door Hem. Hij wil je leeft naar wat Hij voor jou heeft. Je mag het oude aan Hem geven, en leven naar het nieuwe leven, nieuwe identiteit, etc. die Hij gegeven heeft.
- Antiochus stopte de aanbidding van God, schoof de Tenach (OT) aan de kant. Jezus hield Zich juist vast aan dat Woord, bracht mensen terug bij God aanbidden in geest en waarheid. Hij is in álles het tegenovergestelde van Antiochus.
- Volgende week zullen we nog zien hoe Antiochus ook een typebeeld is van de komende antichrist. De profetie van Daniël was net een bergketen. Je ziet de bergen, maar niet de vallei die ertussen zit. Er is een dichtbij en veraf vervulling van profetie.
Antiochus, de Grieken en de Medo-Perzen kregen een beperkte tijd van God. Ze mochten naar hun inzicht overwinnen en regeren. God is echter ook de rechtvaardige Rechter Die geeft naar handelen; Hij oordeelt de volken, de leiders en laat vooral door Jezus zien hoe Hij wil dat een leider écht is.
Bij alle heersers zien we dat angst een middel is om mensen te beheersen. Wereldse heersers onderdrukken mensen om hun eigen wil gedaan te krijgen. Hoe anders is Jezus; hoe geweldig is Hij! Hij is de God Die Zichzelf laat kennen, Die regeert vanuit liefde, genade en compassie.
- Hij is heilig, rechtvaardig, wraakzuchtig, e.d. Hij is al die dingen, en meer. Maar Hij is juist ook onze Goede Herder, onze liefdevolle Koning, de Heere Die voor ons kwam, stierf en opstond. Die Jezus is koning over het universum, wat nog zichtbaar gaat worden.
Die Jezus wil ook 100% koning zijn over jouw hart, gedachten, jouw leven. Hij wil volledig regeren in jouw leven; dat brengt Hem maximaal eer én is het allerbeste voor jou. Vraag God om je ogen te openen voor Hem, zodat je Hem zal zien en je aan Hem zal onderwerpen.
Als je nog niet gelooft, zie dan hoeveel beter Jezus is dan ieder ander. Zie hoe groot Zijn liefde, genade, geduld, etc. zijn. Zie dat Hij jou wijst op je zonde, omdat Hij níet wil dat je verloren gaat. En laat je wijzen op Zijn offer; geloof in Jezus, maak de keuze om Jezus te geloven, ook al begrijp je niet alles.
Christen, ‘wereldse heersers vs Jezus' heerschappij’; Jezus is beter. Laat je dus niet onderwerpen door iets of iemand anders; richt je op Jezus.
- Heb jij iets of iemand macht gegeven in jouw leven, bóven Jezus?
- Herken jij Jezus en Zijn manier van leiden?
- Ben jij 100% overgegeven aan Hem, of is er nog iets dat dient boven Hem?
We vieren vanochtend Heilig Avondmaal. We vieren, gedenken, zijn dankbaar voor wat Jezus voor ons gedaan heeft aan het kruis. We willen Hem eren, aanbidden en ons leven opnieuw aan Hem toewijden, omdat Hij dat waard is. Zijn offer is zo groot, zo mooi, zo liefdevol; dat is de enige juiste reactie.
Romeinen 3:23-25 “Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God, en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus. Hem heeft God openlijk aangewezen als middel tot verzoening, door het geloof in Zijn bloed. Dit was om Zijn rechtvaardigheid te bewijzen vanwege het voorbijgaan aan de zonden die eertijds hadden plaatsgevonden onder de verdraagzaamheid van God.”
- Wij hebben gezondigd, jij en ik, Jezus is aangewezen als ‘middel tot verzoening’. Geloof in Jezus, in Zijn werk, in Zijn bloed, is wat red. We víeren dat Jezus deze weg geopend heeft, dat Hij de weg mogelijk gemaakt heeft. Dat is waar we vanochtend dankbaar voor zijn.
- Jezus gaf Zijn lichaam, zodat ons lichaam niet gebroken hoefde te worden als straf voor de zonde. Zijn lichaam werd doorboord, kapotgeslagen, etc. voor jou en mij. En dat allemaal uit liefde, uit zorg, uit genade. Wat een liefdevolle Heerser is Hij!
- Jezus gaf Zijn bloed, zodat jij niet hoefde te sterven als straf voor de zonde. Hij gaf Zijn álles, voor jou. Hij ging verder dan iemand anders ooit voor jou kan gaan. Dat is de genade van deze Heerser, die van jou houdt!
- Avondmaal is voor gelovigen, dus neem alleen als je zelf de keuze hebt gemaakt om in Jezus te geloven. Lidmaatschap o.i.d. is geen voorwaarde, het is tussen jou en God of je gelooft of niet.
- Ouders, kies vóór je jonge kinderen. Laat ze deelnemen aan het Avondmaal, als ze ook écht begrijpen wat Jezus gedaan heeft en vóór Hem gekozen hebben. Neem hierin je taak als ouder op.
Markus 14:22-26 “En terwijl zij aten, nam Jezus brood en toen Hij het gezegend had, brak Hij het en gaf het hun en zei: Neem, eet, dit is Mijn lichaam. En Hij nam de drinkbeker en nadat Hij gedankt had, gaf Hij hun die en zij dronken er allen uit. En Hij zei tegen hen: Dit is Mijn bloed, het bloed van het nieuwe testament, dat voor velen vergoten wordt. Voorwaar, Ik zeg u dat Ik niet meer zal drinken van de vrucht van de wijnstok tot op de dag wanneer Ik die nieuw zal drinken in het Koninkrijk van God. En toen zij de lofzang gezongen hadden, vertrokken zij naar de Olijfberg.”
Romeinen 12:1 “Ik roep u er dan toe op, broeders, door de ontfermingen van God, om uw lichamen aan God te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk: dat is uw redelijke godsdienst.”