- Misschien heb je vragen over of dit wel de juiste kerk is, of de mensen je wel zien staan, ben je onzeker over waarom God je door deze situatie laat gaan. Je kan vragen hebben over waarom de ‘goede’ kerk vinden zo lastig is, waarom je je alleen, depressief, moe, etc. voelt.
- Dit zijn reële, echte, pijnlijke dingen om doorheen te gaan. Dit is ook iets wat we moeten erkennen. Onzekerheid die zich uit in vragen, twijfels, moeite; onzekerheid die zich uit in ongeloof.
God wéét dit allemaal, Hij staat hier niet versteld van. Hij weet dat jij hier doorheen gaat, Hij kent je vragen. En gelukkig is Hij goed, is Hij genadig en barmhartig; Hij stuurt niemand weg die vragen heeft, die worstelt met onzekerheid. Hij wil juist dat je komt.
- Waar een website als Psyned je verwijst naar een psycholoog, naar iemand om je te helpen ‘meer zelfvertrouwen te krijgen’, e.d. doet God iets heel anders. Hij wil dat je ziet dat Jezus de Enige is Die zekerheid kan geven. Jezus is jouw zekerheid in onzekerheid.
Mattheüs 11:28-30 “Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven. Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel; want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.”
- Hij kent jou door en door, en Hij wijst je niet af. God wil dat je in gebed bij Hem komt, al je twijfels, vragen en onzekerheden bij Hem legt. Het beste voor jouw ziel, je mentale en geestelijke gezondheid is álles bij Hem leggen en laten. Elke dag weer.
Daniël moest dit leren, in alle onzekerheid die er voor hem lag. Hij had vragen aan God en kreeg daar antwoorden op die niet altijd duidelijk waren; hij moest leren vertrouwen dat God antwoorden had. Zijn situatie veranderde niet, hij moest veranderen ín de situatie; zijn blik moest naar God.
v5-7 Jezus is jouw zekerheid in onzekerheid – 1e vraag: hoelang nog?
Daniël heeft het laatste visioen gehad (H11-12:4). Een visioen vol oorlog én vrede, verdrukking én bevrijding, eeuwig leven en eeuwig afgrijzen. Het was heftig en prachtig tegelijk, verdrietig en hoopvol, verbijsterend en bemoedigend. Hij zal vol gemixte emoties hebben gezeten door alles wat hij zag.
- Met dat allemaal in zijn achterhoofd, met dat nog vers op zijn netvlies, zag Daniël “twee anderen” staan (v5). Hij was weer terug bij de oever van de rivier de Tigris (H10:4) en zag 2 engelen. De een op de ene, de ander op de andere oever.
Deze engelen zijn in gesprek en verwoorden de vraag die Daniël ongetwijfeld had: “Hoelang duurt het nog voordat er een einde komt aan deze wonderlijke dingen” (v6) Dit is een heel menselijke vraag. Als we door dingen heen gaan vragen we 1) haal het weg, 2) hoelang nog?
- We willen graag weten waar we aan toe zijn, het ‘licht aan het einde van de tunnel’ zien. Als we namelijk zien dat het nog x-tijd duurt, dan weten we dat we ‘even moeten doorzetten’, ‘tanden op elkaar’, etc. Maar dat is niet hoe het leven werkt, niet hoe God werkt.
- Het moeilijkste is het om níet te weten waar je aan toe bent. Om geen licht te zien, geen oplossing, geen uitkomst. Het is moeilijk om in dat soort onzekerheid nog hoop te hebben, nog te vertrouwen op God.
Hoelang nog is zo’n begrijpelijke vraag waar we vaak geen antwoord op krijgen. Omdat we het vaak niet weten, hoelang nog, kan je hopeloos worden. Ook dat is menselijk en begrijpelijk, maar niet nodig. God Zelf geeft ons hoop, zelfs als Hij niet duidelijk maakt hoelang je nog in je situatie zit.
Psalm 46:2-4 “God is ons een toevlucht en kracht; Hij is in hoge mate een hulp gebleken in benauwdheden. Daarom zullen wij niet bevreesd zijn, al veranderde de aarde van plaats en werden de bergen verzet naar het hart van de zeeën. Laat haar water bruisen, laat het schuimen, laat de bergen beven door haar onstuimigheid.”
- De psalmist laat hier zien dat zelfs als letterlijk de wereld verandert, als álles onzeker is, we naar God kunnen rennen. Hij is “een toevlucht en kracht”, een hulp “in benauwdheden” (v2). Hij is een veilige vesting (v8).
- Je mag en kan dus met álles naar God gaan. Hij kan álles aan, want Hij is almachtig, alwetend, oneindig groot. Hij is de Schepper van hemel en aarde, Hij is eeuwig en onveranderlijk. Al deze dingen, en meer, zorgen ervoor dat Hij jouw situatie aankan.
- Onzekerheid kan ervoor zorgen dat je jezelf terugtrekt, meer aan jezelf wil denken, meer ‘rust’ wil. En dat in dat alles God aan de kant geschoven wordt; dat tijd met Hem optioneel wordt i.p.v. noodzakelijk.
- Laat dit niet gebeuren, broeder/zuster! Tijd met God is júist wat je nodig hebt. Je hebt Zijn Woord, gebed, tijd met broeders en zusters nodig. Want in die dingen ontmoet je God, de God Die alles aankan, aan Wie je alles kan geven.
- Bid, schreeuw het uit naar Hem; bid samen, praat, huil, deel. Allemaal zodat je hart ván je onzekerheid afgaat en juist op God gericht wordt. Lees het Woord, zodat je gedachten vol worden van Wie Hij is. Dat heeft je ziel nodig.
Daniël krijgt in v7 antwoord op zijn vraag, maar niet een antwoord dat duidelijk voor hem zou zijn. De engel zweert “bij Hem Die eeuwig leeft” dat alles “een vastgestelde tijd, vastgestelde tijden en een helft” zal duren. Dan zal “Hij” een einde maken aan de macht van het heilige volk.
- Hier kan Daniël niet zomaar iets mee. Doordat we het héle Woord hebben, kunnen wij hier invullen dat dit om de 2e helft van de Grote Verdrukking gaat, 3,5 jaar. Tijd = 1 jaar, tijden = 2 jaar, halve tijd = 0,5 jaar; samen 3,5. Daniël begreep dit niet (v8); wat goed te snappen is.
- Openbaring 12:14 spreekt hierover, maar ook Daniël 7 en andere plekken. Het is een breed gedragen idee in het Woord, dat dit de tijd is van de Grote Verdrukking, specifiek de 2e helft van deze tijd.
- Ondanks dat hij antwoord krijgt en het niet snapt, hoort hij ook dat Jezus “de macht van het heilige volk” stuk zal slaan. Er moet dus nog van alles gebeuren met Gods volk, o.a. door de hand van God, vóór dit einde komt. God slaat Zijn volk, tot bekering (Hosea 6:1).
- God wil Israël redden (Romeinen 11). God gebruikt deze tijd om hun ‘macht’ of ‘hand’ te breken. Israël zal verslagen lijken, ze kunnen nergens meer op vertrouwen; de overlevenden zullen in Jezus geloven.
- Soms moeten jij en ik ook ‘geslagen’ worden. We hebben het nodig om gecorrigeerd te worden, om teruggebracht te worden bij Hem. God beproeft ons geloof soms, door ons door moeilijke tijden te laten gaan. Het is altijd om je dichter bij Hem te brengen.
- God moet soms trots, hardheid en onwil in ons hart eruit halen. Dit zit als onkruid, ontzettend diep in onze harten. En soms kán Hij niet anders, als liefhebbende Vader, om ons ‘te slaan’. Met als doel bekering en overgave.
In de zekerheid die Daniël krijgt van het ‘hoelang’, zit onzekerheid in het ‘hoe’. Hoe gaat God dit doen? Maar het doel van dit antwoord was ook niet om Daniël gerust te stellen door hem de duur van de periode te geven. Het doel was zijn ogen op Jezus richten, de zekerheid in onzekerheid.
- Jezus weet ‘hoelang’, Jezus weet wat Hij doet. Hij houdt van Zijn volk, zoals Hij ook van jou houdt. Hij is bíj je in de situatie, Hij is de Goede Herder die jou door de situatie heen draagt. Het kan voelen alsof Hij er niet is, alsof je naar een koperen hemel bidt. Maar Hij is er wel.
- Of je nou wél weet ‘hoelang’, of net als Daniël geen idee hebt; God is Dezelfde. Daniëls hoop was de Persoon Die bij hem was. De hoop ging niet om de tijd; de hoop ligt in de “Hij”. Onze hoop is een Persoon; Jezus onze zekerheid in onzekerheid.
In Zijn Woord belooft Hij dat Hij er is. Hij belooft dat Hij een vesting is, dat je elke situatie in Zijn handen mag leggen. Jezus kán niet liegen; Hij ís trouw, goed, genadig, liefdevol, groot, eeuwig, etc. Hij ís groot genoeg voor jouw situatie, Hij ís God en Hij regeert echt op de troon.
- Als je wil weten ‘hoelang’; als je voelt dat alles te veel is, dat onzekerheid je overspoelt; als je geen licht aan het einde van de tunnel ziet, is Jezus het antwoord. Ren naar Hem, blijf naar Hem rennen; zowel alleen als samen. Hij geeft rust, Hij zit op de troon.
v8-12 Jezus is jouw zekerheid in onzekerheid – 2e vraag: wat zal het einde zijn?
Net zoals ‘hoelang’ een menselijk logische vraag is, is het menselijk logisch om het einde van iets te willen weten (v8). Bij films en boeken willen we weten hoe dingen eindigen, of het een ‘happy end’ is of niet. Soms lezen of kijken we éérst het einde, om vervolgens de rest te lezen/kijken.
- Daniël begreep niet goed wat de engel zei, daarom vroeg hij “Mijn Heere, wat zal het einde hiervan zijn?” Deze vraag willen wij ook beantwoord zien; hoe stopt dit? Wat moet er nog gebeuren? De ‘hoe’ vraag is ons ook bekend.
Het antwoord dat Daniël hierop krijgt is tekenend: “Ga heen Daniël, want deze woorden blijven geheim” (v9) Hij krijgt geen antwoord. Dit was een vraag waar hij zich niet mee bezig hoefde te houden; hij mocht leren vertrouwen op God, i.p.v. zélf te weten ‘hoe’ of ‘wat’.
- God laat zien dat Híj het weet (v10): velen worden “gereinigd, zuiver wit gemaakt en gelouterd”. God belooft dat Hij deze tijd zal gebruiken om de gelovigen te heiligen, meer op Jezus te laten lijken. God zit niet stil als wij onzekerheid ervaren, Hij is en blijft bezig.
- Voor Hem is er namelijk niks onzeker; Hij weet álles (Ps. 139:1-4), Hij verkondigt vanaf het begin al het einde (Jes. 46:10), Hij ís het begin en het einde (Op. 22:13). Hij weet dus ook hoe deze tijd te gebruiken tot Zijn eer en op een manier die goed is voor ons.
- “gereinigd” gaat over polijsten, over laten blinken en puur maken. Dat is een proces van wrijving, oneffenheden weghalen in ons hart. Dit is pijnlijk, maar nodig. Ten eerste voor Israël, maar in het verlengde ook voor jouw hart.
- “zuiver wit gemaakt” heeft het idee van ‘wit maken’, maar heeft ook een link met heiligheid en zuiverheid. Dat is het dagelijkse werk dat God in ons doet, meer op Jezus lijken, heiliging. Door te polijsten worden we meer heilig.
- “gelouterd” gaat o.a. over ‘smelten’ van goud, ‘bewijzen dat iets echt is’. Dit is wat heiliging doet, er wordt weggesmolten wat niet goed is, zodat het heilige overblijft. En dat pure wordt gepolijst om maximaal te schijnen.
2 Petrus 3:14 “Daarom, geliefden, terwijl u deze dingen verwacht, beijver u om onbevlekt en smetteloos door Hem bevonden te worden in vrede”
En dat is precies waarom je mag leren Hem te vertrouwen; Hij weet wat Hij doet. Hij is niet afwezig, ook al voelt het zo. Hij is niet onverschillig, ook al lijkt dat zo. Hij is aanwezig, actief bezig om jou op Jezus te wijzen. Jezus is en geeft zekerheid in onzekerheid, want Hij houdt van jou.
- Je mag gaan ‘begrijpen’ dat Jezus jouw leven in Zijn hand heeft. Je mag gaan ‘begrijpen’ dat Hij van je houdt, je draagt en vormt. Zelfs als alles anders voelt, is dat waarheid en zekerheid. Dat is namelijk wat Hij zegt, wat Zijn waarachtige en toereikende Woord ons leert.
De goddelozen (v10) zullen dit niet begrijpen, zullen niet naar Jezus rennen. Maar jij, christen, mag naar Jezus rennen en zien dat Hij toereikend is, dat Hij God is en soeverein regeert op de troon. Je mag leren dat jij niet hoeft te weten ‘wat is het einde hiervan’; Hij weet het en dat is genoeg.
- Die overgave is een sprong in het diepe, kan eng voelen. Tegelijk is dit het beste dat je kan doen. Als jij moet weten wat het einde is, wil jíj de controle, wil jíj invloed. Maar dat is niet wat het beste is voor jou, je geest, ziel en lichaam.
Psalm 46:11-12 “Geef het op en weet dat Ik God ben; Ik zal geroemd worden onder de heidenvolken, Ik zal geroemd worden op de aarde. De HEERE van de legermachten is met ons; de God van Jakob is voor ons een veilige vesting.”
- Overgave aan God is het beste. Naar Hem rennen met álles is het beste. Hij kan álles aan, jij niet. Hij is almachtig en alwetend, jij niet. Je mag schuilen onder Zijn vleugels, niet andersom. Het is bevrijdend om los te laten, om alles aan God te geven.
- Dat haalt de last van jouw schouders en legt het bij Hem neer. Natuurlijk moet jij nog je inzetten, moet jij nog door Zijn kracht strijden tegen de wereld, het vlees en de vijand. Natuurlijk heb je je dagelijkse taken die je onder Zijn leiding moet doen.
- Maar je legt de last bij Hem, je vertrouwt op Hem ín de situatie i.p.v. op jezelf. Jij hoeft het niet meer op te lossen; je mag rusten in het feit dat Hij bij je is en dat Hij alles onder controle heeft. Jij laat los, zodat Hij het over kan nemen van je. Dat geeft rust.
Daniël krijgt in v11-12 twee onbegrijpelijke getallen te horen van God. Hij hoort 1290 dagen (v11) en 1345 dagen (v12). De 1290 zal ná de gruwel der verwoesting zijn, de antichrist die zichzelf tot god verklaart in de tempel. Maar waarom dit 30 dagen extra heeft t.o.v. 3,5 jaar? Geen idee.
- Waar zijn de extra 45 dagen uit v12 dan voor? Waarom moeten er nog weer extra dagen bovenop de extra dagen? Geen idee. ‘Wat zal het einde ervan zijn’ was Daniëls vraag; net zoals op de 1e vraag krijgt hij geen duidelijk antwoord; maar dat was ook nooit Gods bedoeling.
- Er zijn veel theorieën over, zoals dat er opgeruimd moet worden na de Grote Verdrukking, de tijd van het oordeel in Op. 19-20, herstel voor alle mensen die trauma’s hebben door de Grote Verdrukking, e.d. We weten het simpelweg niet.
Broeder, zuster; het is verleidelijk, menselijk en zelfs begrijpelijk om te willen weten ‘wat zal het einde zijn’. Net als Daniël willen we antwoorden, begrijpen, houvast, etc. En die antwoorden, begrip en houvast zijn er! Alleen niet in de vorm van directe antwoorden op de vraag.
- Habakuk 1:5 wijst ons erop dat God dingen wil doen die wij niet zouden geloven als Hij ze uit zou leggen. Dat vereist overgave aan onze kant, want Hij is ons geen uitleg verschuldigd. Hij doet wat Hij wil, omdat Hij God is. En wat Hij doet is goed, ook al begrijpen wij het niet altijd.
De keuze is aan jou; hou je vast aan je vragen? Of aan de God Die antwoord heeft, maar niet altijd geeft? Wil je zelf de controle houden? Of geef je de controle over aan de almachtige? Er is rust te vinden in overgave, zekerheid in onzekerheid; en dat allemaal ín Jezus Christus. Ren naar Hem.
v13 Jezus is jouw zekerheid in onzekerheid – 3e vraag: hoe zit het met mij?
De engel beantwoordt hier een vraag die Daniël niet eens hardop stelt, ‘en ik dan’? Daniël wil, net als jij en ik, weten hoe het met hem zal aflopen. ‘Wat gaat er met mij gebeuren?’ is zijn vraag. En hierin is opnieuw groot potentieel voor onrust en onzekerheid.
- Vele broeders en zusters lopen rond met onzekerheid over redding, of ze wel goed genoeg zijn, of God ze niet alsnog afwijst, of ze zichzelf niet voor de gek houden, etc. En dat is stressvol. De vijand vindt dit prachtig, want hij kan hierop inspelen en je compleet doldraaien hiermee.
- De eerdergenoemde depressie, angst, eenzaamheid, twijfel aan je identiteit, etc. zijn dingen die de vijand in je hoofd zal pompen. Als dan je zekerheid niet gebouwd is op Jezus, op Zijn werk, op Zijn liefde en genade; dan strijd je een verloren strijd.
- Niemand is slim of sterk genoeg om de vijand zélf tegen te houden. Je kan misschien een paar veldslagen winnen, maar de oorlog zal je verliezen. En dat terwijl je helemaal niet zelf hoeft te strijden; Jezus heeft de strijd al overwonnen vóór jou.
1 Johannes 5:12-13 “Wie de Zoon heeft, heeft het leven; wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet. Deze dingen heb ik geschreven aan u die gelooft in de Naam van de Zoon van God, opdat u weet dat u het eeuwige leven hebt en opdat u gelooft in de Naam van de Zoon van God.”
Als je de Zoon hebt, Jezus Christus, dan héb je eeuwig leven. Dat is Gods belofte. En hoe ‘heb’ je de Zoon dan? Geloof (v13). Geloof dat Jezus de Zoon van God is (Joh. 20), dat Hij zoveel van jou houdt dat Hij Zijn leven gaf voor jou; geloof redt de mens.
- Je hoeft dus niks te ‘doen’, niet ‘goed genoeg’ te zijn, o.i.d. Redding hangt niet van jou af, jouw toekomst hangt niet van jou af. Gods belofte is dat als jij gelooft in Hem, Hij jou eeuwig leven geeft. Dat is zekerheid, voor altijd, door Zijn werk.
Daniël krijgt de opdracht “ga heen tot het einde” (v13), wat een herhaling is van v9. Dit kan ongevoelig overkomen van de Heere; voor de 3e keer beantwoordt Hij deze (niet uitgesproken) vraag niet. Maar daar zit een belangrijke reden achter: het was niet nodig voor Daniël om dit te weten.
- Wij willen vaker dingen weten die te groot voor ons zijn, dingen die we niet snappen. Zeker tegenwoordig willen we ‘inspraak’, ‘meepraten’, ‘begrijpen’, etc. We willen niet meer in geloof uitstappen, we willen alles uitgestippeld hebben, op onze voorwaarden, zonder pijn.
Guzik: “Aan het einde van het Johannes Evangelie vertelde Jezus aan Petrus wat zijn lot zou zijn: hij zou als martelaar voor Jezus sterven. Petrus wilde weten wat Johannes’ lot zou zijn en vroeg daarom aan Jezus: “Heere, maar wat zal er met hem gebeuren?” In wezen antwoordde Jezus: “Dat gaat jou niet aan. Volg jij Mij.” (Johannes 21:22). Op dezelfde manier moest Daniël niet al zijn tijd en energie besteden aan het speculeren over en zich zorgen maken over dingen die hij niet kon weten. In plaats daarvan moest hij eenvoudig gehoorzamen aan de opdracht om tot het einde te gaan. Dat is ook iets wat wij allemaal moeten doen.”
- I.p.v. ons zorgen te maken over de toekomst mogen we weten Wie God is. I.p.v. te verdwalen in of we gered zijn, mogen we kijken naar Jezus en Zijn werk. I.p.v. door de vijand overmand te worden met depressie, e.d. mag je leren vertrouwen op Jezus.
Simpele gehoorzaamheid is waar Daniël toe wordt opgeroepen. Blijf trouw in wat God van je vraagt. En dan krijgt hij de belofte dat hij zál rusten, dat hij zál opstaan in zijn God-gegeven bestemming. Wij willen nadenken over eeuwigheidszaken, terwijl we al meer dan genoeg hebben aan vandaag.
- I.p.v. onzekerheid en je daarin te laten duwen en houden, mag je Jezus zien. I.p.v. onrust door allerlei gedachten die in je hoofd gestopt worden, mag je rusten in Jezus’ werk. I.p.v. piekeren, mag je je gedachten onderwerpen aan Jezus.
- I.p.v. faalangst, mag je leren uitstappen in geloof en de Heilige Geest je laten leiden. Hij mag dan ook bepalen wat ‘succes’ is, jij hoeft dat niet te doen. I.p.v. terugtrekken, eenzaam, etc. als reactie, mag je zien dat Jezus jou Zijn lichaam, de kerk, heeft gegeven om jou te helpen.
- I.p.v. verlatingsangst mag je zien dat Jezus jou nooit zal verlaten, nooit alleen zal laten. Dat kán Hij niet eens, Hij is alomtegenwoordig. Al deze dingen mag je je gaan beseffen, al deze dingen zijn zegeningen die er zijn ín Christus. Dit is zekerheid in onzekerheid.
Hoe ‘doe’ je dit? Hoe ‘leef’ je in deze zekerheid? Hoe strijd je tegen de onzekerheid? Hoe krijg je zekerheid?
- Breng alles in gebed bij de Heere
Bid zonder ophouden is de oproep (1 Thes. 5), maar ook om álles in gebed bij God te brengen (Fil. 4). God wil dat je Hem dit vertelt en dat je het overgeeft aan Hem. Spreek dat uit in gebed, zelfs al moet je dat 100x in 1 minuut doen. Dit is een wilsbesluit om te maken, geen gevoel.
- Geef het niet alleen aan Hem, maar láát het ook bij Hem. Je mag je zorgen op Hem werpen (1 Pet. 5), maar dat is niet als vissen, waarbij je de lijn weer inhaalt. Dit is gooien, om het nooit meer terug te zien. Zo mag je je onzekerheid, je álles, op Hem werpen en bij Hem láten.
- Richt je ogen op God
Er zijn veel plekken in het Woord die je ogen puur op God richten. Psalm 145, Job 38-41, Jesaja 40:12-31, Exodus 34:5-7, etc. Allemaal plekken waar God Zichzelf omschrijft op prachtige manieren. Dat heb je nodig, om niet geobsedeerd te zijn met jezelf en je onzekerheid, maar om je op Hem te richten.
Praat met volwassenere 1 broer of zus, niet meer. Hoe groter je de cirkel maakt, hoe sneller dingen weer van mensen af gaan hangen. Praat, deel je hart, je onzekerheid, vragen twijfels. En laat je hart en gedachten dan op Jezus gericht worden door de woorden van de broeder of zuster.
Net als Daniël is de laatste stap: “ga heen tot het einde”. Doe wat God je opdraagt. Wees Zijn kind, trouw in je dagelijkse taken. Vraag de Geest om je te leiden, zodat je de ánder kan dienen. Vraag God waar je focus hoort te zijn, om Jezus centraal te hebben en God te dienen door mensen te dienen.
Onzekerheid is overal om ons heen, is zelfs bepalend voor vele mensen. Als christen mag je je rust en zekerheid in Jezus vinden. Je mag zien Wie Hij is, hoe goed en geweldig Hij is, zodat je zekerheid, vaste grond, rust, etc. niet van jou of je situatie afhangen. Je leven is gebouwd op en afhankelijk van Hem.
- Daniël moest Jezus zien, volharden in moeilijke tijden. Hij moest doorgaan terwijl er geen voelbare verandering in zijn situatie was. God Zelf was het antwoord, Jezus ís het antwoord. Hij is de Weg naar de Vader, Hij is waarheid, Hij is de Goede Herder. Ren naar Hem.
Geef het op en weet dat Hij God is (Psalm 46). Ren naar Hem, júist als je vermoeid en belast bent. Hij kent en draagt de toekomst; Hij weet wél wat het einde is, waar de 1290 en de 1335 dagen voor zijn. Rust in Hem, in Wie Hij is, Zijn werk, Zijn hart, Zijn karakter. Jezus is jouw zekerheid in onzekerheid.
Als je nog niet gelooft, Jezus kan en wil dit ook voor jou zijn. Echte, blijvende ekerheid en rust zijn onmogelijk zonder Jezus. Geloof daarom vandaag in Hem; geloof wat je nu weet, Hij zal je gaandeweg meer van Zichzelf laten zien. Geloof in Jezus als Zoon van God; geloof is wat redt, niet wat jij kan doen.
Christen, Jezus is jouw zekerheid in onzekerheid; leef jij daarnaar?
- Als jij wil weten ‘hoelang nog’? Laat het antwoord aan Jezus, geef alles aan Hem
- Als jij je afvraagt: ‘wat is het einde’? Vertrouw dat Hij het einde weet, leg de last op Zijn schouders
- Als jij twijfelt over ‘en ik dan’? Haal je zekerheid uit Wie Hij is, wat Hij gedaan en beloofd heeft
Psalm 46:11-12 “Geef het op en weet dat Ik God ben; Ik zal geroemd worden onder de heidenvolken, Ik zal geroemd worden op de aarde. De HEERE van de legermachten is met ons; de God van Jakob is voor ons een veilige vesting. Sela”
Mogelijke redenen voor verschil in dagen tussen v11 en v12