Daniël 9:1-4a God kennen vormt je gebed
Jeremia 9:23-24 “Zo zegt de HEERE: Laat een wijze zich niet beroemen op zijn wijsheid, laat de held zich niet beroemen op zijn sterkte, laat een rijke zich niet beroemen op zijn rijkdom. Maar laat wie zich beroemt, zich daarop beroemen dat hij begrijpt en Mij kent dat Ik de HEERE ben, Die goedertierenheid bewijs, recht en gerechtigheid op de aarde doe, want in die dingen vind Ik vreugde, spreekt de HEERE.”
Dit is Gods perspectief op wat écht belangrijk is. God kennen, dat is het belangrijkste. Zeker als we in Daniël 9 zien dat er veel gebeden wordt, dan wordt dit nog relevanter. Hoe meer we God kennen, hoe beter het is voor onze ziel; hoe meer we God kennen, hoe meer Bijbels ons gebed wordt.
- God kennen vormt je gebed; Hij wíl dat je Hem kent, Hij wil dat je hervormd wordt.
v1-2 Profetie komt uit
In H2, H5 en H8 hebben we gelezen over de verschillende rijken die aan de macht komen. Ná het Babylonische rijk, voorzegde God, zouden de Medo-Perzen aan de macht komen. Hier, in v1, zien we dat dit gebeurd is. ‘Darius de Meder’ is nu aan de macht in het rijk.
- Dit is wonderbaarlijk, want op het moment dat de profetieën uitgingen, wees níks erop dat de Medo-Perzen ooit zo machtig zouden worden. Daniël zag profetie vervuld worden voor zijn eigen ogen. Hoe bijzonder moet dat geweest zijn!
- Zelfs met alle gevolgen van een regime wijziging, moet het zeer bijzonder geweest zijn om te zien hoe Gods Woord waarheid is. Hij zag dat God trouw is, dat Hij in álles de waarheid spreekt en 100% te vertrouwen is. Wat een zegen voor hem.
We zien in v2 wat een prachtig resultaat er is van God aan het werk zien. Daniël leest iets in Gods Woord, uit Jeremia, en hij trekt een prachtige conclusie hieruit. Daniël vertrouwt erop dat Gods Woord ook hierin waarheid is, te vertrouwen is. Daniëls vertrouwen in God groeit, door vervulde profetie.
- Hij leest in Jeremia 25:11-12 over de 70 jaar, maar ook over méér dan dat. In Jeremia 29:10 bevestigt nog eens wat er in H25 staat. Jeremia 25 werd 70 jaar vóór Daniël 9 geschreven, H29 zo’n 60 jaar vóór Daniël 9.
Jeremia 25:8-12 “Daarom, zo zegt de HEERE van de legermachten: Omdat u niet naar Mijn woorden hebt geluisterd, zie, Ik ga een boodschap zenden en Ik zal alle geslachten uit het noorden halen, spreekt de HEERE, en ook een boodschap zenden naar Nebukadrezar, de koning van Babel, Mijn dienaar. Ik zal hen over dit land brengen, over zijn inwoners en over al deze volken rondom. Ik zal hen slaan met de ban en hen stellen tot een verschrikking, tot een aanfluiting, en tot eeuwige puinhopen. Ik zal uit hun midden doen verdwijnen de stem van de vreugde, de stem van de blijdschap, de stem van de bruidegom en de stem van de bruid, het geluid van de molenstenen en het licht van de lamp. Dan zal heel dit land worden tot een puinhoop, tot een verschrikking. Deze volken zullen de koning van Babel zeventig jaar dienen. Maar het zal gebeuren wanneer de zeventig jaar voorbij zijn, dat Ik de koning van Babel en dat volk – spreekt de HEERE – hun ongerechtigheid zal vergelden, en ook het land van de Chaldeeën en Ik zal dat maken tot eeuwige woestenijen.”
God noemt Nebukadnezar bij naam, als “Mijn dienaar” (v9). Hij gebrúikt deze koning om Israël tot Zichzelf te trekken, om ze in te laten zien dat ze Hem nodig hebben. Hij voorzegt hier 70 jaar van tevoren wat er gaat gebeuren. En het komt tot in elk detail uit.
- God voorzegt de ballingschap (v9-10), de vernietiging van Israël en lengte van de ballingschap (v11), maar ook Zijn oordeel over Babel, de “Chaldeeën” (v12). God gebruikt Babel, maar liet hen ook niet onbestraft in hun behandeling van mensen, en specifiek Zijn volk Israël.
Jeremia 29:10-14 “Want zo zegt de HEERE: Voorzeker, pas wanneer zeventig jaren in Babel voorbij zijn, zal Ik naar u omzien en over u Mijn goede woord gestand doen, door u terug te brengen naar deze plaats. Ik immers, Ik ken de gedachten die Ik over u koester, spreekt de HEERE. Het zijn gedachten van vrede en niet van kwaad, namelijk om u toekomst en hoop te geven. Dan zult u Mij aanroepen en heengaan, u zult tot Mij bidden en Ik zal naar u luisteren. U zult Mij zoeken en vinden, wanneer u naar Mij zult vragen met heel uw hart. Ik zal door u gevonden worden, spreekt de HEERE, Ik zal een omkeer brengen in uw gevangenschap en u bijeenbrengen uit alle volken en uit alle plaatsen waarheen Ik u verdreven heb, spreekt de HEERE, en Ik zal u terugbrengen naar de plaats vanwaar Ik u in ballingschap heb gevoerd.”
God bevestigt hier aan Jeremia wat Hij gaat doen. Hij erkent Zijn belofte, de periode van ballingschap en dat Hij, in Zijn genade en geduld, Israël terug gaat brengen naar het land dat Hij hen gegeven had. We zien hier zoveel van Wie God is, hoe geweldig Hij is.
- Dit moet zeer bemoedigend zijn geweest voor Daniël. Hij kreeg inzage in Gods plannen, hij zag wat God wilde bereiken met de situatie waarin hijzelf en zijn volk zaten. God doet hier iets wat niet normaal is; Hij legt Zijn plannen uit aan een mens.
- God was dat Daniël niet verplicht; zoals Hij ons niks verplicht is. Niemand van ons is goed genoeg, dóet genoeg, etc. om dit van Hem te ontvangen. En toch geeft Hij dit, toch ontvouwt Hij Zijn plannen. Want Hij is God, genadig, liefdevol en trouw.
Daniël moet zo ontzettend veel over God geleerd hebben door deze verzen. Hij zag zijn eigen situatie in het Woord, hij zag hoe God er voor hem was ín zijn situatie. Hoe prachtig is het dat God zo omgaat met Zijn kinderen? Hij laat zien dat Hij jou en je situatie kent en dat Hij écht bij je is.
- Gods alwetendheid
Door de profetieën heen liet God zien dat Hij al wist wie Nebukadnezar was, dat Babel Israël ging overwinnen, dat er een einde zou komen aan de ballingschap. Hij weet het allemaal. En dat niet alleen, Hij wist ook van Daniëls specifieke situatie ín deze ballingschap.
- Dit is onze God, Hij kent de tijdslijn van de wereld, van regeringen, machten, etc. Hij kent tegelijk jóuw persoonlijke situatie. En die laat Hem niet koud. Hij kijkt niet toe van een afstand, nee Hij is nauw betrokken, Hij weet precies waar je doorheen gaat.
Psalm 56:9 “Ú hebt mijn omzwervingen geteld; doe mijn tranen in Uw kruik. Staan zij niet in Uw register?”
- De tranen die jij laat, Hij kent ze. De pijn die jij voelt, Hij weet het. De situatie waar je niet uit komt; Hij is bij je. Je mag het aan Hem vertellen, want Hij wéét het al. Hij ziet jou, is bij jou, draagt jou. Hij houdt van jou, ook al voelt het soms anders.
Psalm 34:16 “De ogen van de HEERE rusten op de rechtvaardigen, Zijn oren zijn gericht op hun hulpgeroep.”
- God zíet jou, Hij hóórt je hulpgeroep. Soms voelt het alsof Hij het niet ziet, niet hoort, Hem niet interesseert. Niks is minder waar zegt Zijn Woord. De God Die niet liegen kán, zegt dat Hij het wél hoort. En dat Hij bij je is, want Hij weet het allemaal.
- Vergeet niet, God is jouw Vader, jij bent Zijn kind. Zoals elke goede ouder de stem van hun kind hoort, zo hóórt God jou. Hij komt je ook te hulp, zelfs als dat anders is dan jij gedacht had. Hij is de alwetende, liefhebbende Vader.
Door te zien dat Darius koning werd, dat Jeremia profeteerde, zag Daniël dat God alles weet. Hij is daardoor 100% te vertrouwen, want Hij weet en ziet alles. Niks ontgaat Hem. Dat is zo’n mooie zegen, zelfs als je het niet voelt. Door de vervulde profetie zie je dat Hij wéét en dóet wat Hij belooft.
- Gods grootheid
God gebruikte wereldheersers om Zijn wil gedaan te krijgen. Hij gebruikte koninkrijken om te doen wat Hij beloofd heeft. Dát is Wie Hij is, dat is wat en hoe Hij doet. Dat is de God Die oneindig veel groter is dan álles en íedereen. Wat jouw situatie ook is, Hij is groter, beter, sterker.
- Door de Bijbel te lezen openbaarde God Wie Hij is aan Daniël. Hij liet zien dat Hij álles onder controle had, dat Hij groter was en is dan zijn ‘uitzichtloze’ situatie. Gods grootheid is onbeschrijfelijk, niks is te vergelijken met Hem.
1 Kronieken 29:11 “Van U, HEERE, is de grootheid, de macht, de luister, de kracht en de majesteit. Want alles wat in de hemel en op de aarde is, is van U. Van U, HEERE, is het Koninkrijk, en U hebt Zich verheven tot een Hoofd boven alles.”
Alles is van God, Hij is Koning, Hij is verheven. Dat is Wie God is, dat is hoe jij Hem mag kennen. Hij láát Zich zo kennen; en dat hebben we nodig. Als het leven zwaar voelt, als situaties te veel zijn, als je niet weet hoe de dag door te komen; juist dán mag je terugvallen op de God Die groter is.
- Als je vragen hebt waar maar geen antwoord op komt, als je onzekerheid voelt die maar niet weggaat; dan heb je het nodig om te weten dat God groot is. Want hoe groot je situatie ook is, Híj is groter. Hoe onoverkomelijk het voelt, Hij zit op de troon en regeert. Dat is onze God.
Door de profetie in vervulling te zien gaan, voor zijn eigen ogen, zag Daniël God. Hij zag dat God groter was dan elke koning, dan elk rijk. God was Degene Die écht regeert, Die écht op de troon zit. Dat is zo mooi, zo nodig voor ons om te weten. God is oneindig veel groter dan élke situatie; ren naar Hem.
- Gods goedheid
Daniël was 80+ op dit moment, hij was al bijna 70 jaar een gevangene, zag zijn volk lijden in Babel en zag heersers komen en gaan. Wat een gebrokenheid moet hij gevoeld hebben, doorgemaakt hebben. Wat een vragen zal hij gehad hebben over het ‘waarom’, ‘hoe’, etc. En toen zag hij God werken.
Psalm 34:19 “De HEERE is nabij de gebrokenen van hart, Hij verlost de verbrijzelden van geest.”
Thomas Adams: “Hoe talrijk onze verdrukkingen ook zijn, hoe vreemd van aard en hoe zwaar van gewicht; toch zijn Gods barmhartigheden talrijker, Zijn wijsheid wonderlijker en Zijn macht machtiger in wonderen. Hij zal ons uit alles verlossen.”
- Dit was waarmee God Daniël wilde bemoedigen. Hij liet zien dat er een einde was aan de ballingschap, dat Hij Zijn verbond niet vergeten was. Zoals Hij de hulproep van Israël hoorde in Exodus 1, zo hoorde Hij hen hier ook, hoorde Hij Daniël en had Hij al beloofd te verlossen.
Gods goedheid is dat Hij zoveel méér is dan elke situatie, dat Hij méér geeft dan de situatie is. Hij geeft ons álles dat we nodig hebben om dóór de situatie te gaan. Hij gebruikt jouw situatie om je meer op Hem te richten, Zichzelf aan jou te laten zien. En dat gaat soms gepaard met pijn, verdriet en moeite.
- Mét Daniël mag je zien hoe God goed is, dat Hij nabij is, dat Hij verlost. Dat is jouw eeuwige vooruitzicht, maar ook wat je hier op aarde al mag weten. Je mag je vasthouden aan Zijn belofte, aan dat Hij dit zegt. Je mag God hieraan herinneren en vragen dit ervaren.
Mét Daniël mag je je dan ook overgeven aan Zijn goedheid. Mét Daniël mag je meer en meer gaan vertrouwen op Zijn Woord, op Wie Hij is. Je mag Hem vragen Zijn nabijheid te laten zien, Zijn verlossing zichtbaar te maken. En dan biddend je situatie aan Hem over te geven, keer op keer op keer.
- Gods geduld
Naast dit alles is Gods geduld te zien; geduld met Zijn volk, maar ook zeker met de heersers. Hij geeft ze álle tijd om zich te bekeren, om zich tot Hem te draaien. God wil dat niemand verloren gaat, Zijn verlangen is dat íeder mens zich bekeert. Daarom krijgen we vrije keuze en tijd om te kiezen.
Exodus 34:6 “Toen de HEERE bij hem voorbijkwam, riep Hij: HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw,”
- De kinderen van de oudste zondagsschool groep kregen de vraag of zij een lange neus hebben en/of willen. Dat komt vanuit het feit dat God “geduldig” is. Het Hebreeuws is hier dat God een ‘lange neus’ heeft. Bij woede gaat men sneller ademen door de neus, Gods ‘neus is lang’.
Dit betekent dat het lang duurt vóór Hij boos is. Hij zal niet bij het minste of geringste boos zijn. Hij wachtte 400 jaar op de Amorieten om zich te bekeren (Genesis 15 en Deuteronomium 20). Zo geeft Hij ieder mens geduld, zo ook jij.
- Je hoeft niet alles perfect te doen, dat kán je niet eens; God is geduldig. Je mag de Geest vragen je te leiden in voor Hem leven; Hij is geduldig met je. Je mag streven naar meer op Jezus lijken, meer doen zoals Hij; maar wel uit genade en met Zijn geduld in de hand.
Het is menselijk om jezelf, of een ander, een last op te leggen. Ik vind het ook ‘makkelijker’ om te denken vanuit een checklist van ‘wat wel en niet te doen’. Het is veel moeilijker om te denken vanuit Gods liefde en genade. Maar dát is wat we mogen weten, dat is Wie Hij is.
Je kan er makkelijk overheen lezen, dat deed ik ook, wat God laat zien door v2. Hij laat ontzettend veel van Zijn eigen hart en karakter zien. Dát had Daniël nodig; God openbaarde Zichzelf op het juiste moment, op de juiste manier.
- Zo is Hij nog steeds; wat je situatie ook is, wie je ook bent, jij hebt Jezus nodig. Jezus laat ons zien Wie God is. Hij helpt ons om te zien en begrijpen Wie God is, Hij is de Weg naar God. Ren daarom naar Jezus in gebed, vraag Hem om je God te laten zien.
v3-4a Daniël bidt
Daniël zag God in het Woord. Daniël zag de profetie over Israël, over de 70 jaar; hij zag Wie God was en is door die dingen heen. En dat zíen van God, zich realiseren Wie God is, hóe Hij is; dat zette Daniël aan tot gebed.
- Hij richtte zijn “gezicht tot de Heere God, om Hem te zoeken in gebed en met smeekbeden, met vasten, en in zak en as.” (v3). We zien hier dat hij direct naar de Heere gaat; dat is al een prachtige les. Maar ook wát hij doet is belangrijk. Hij zag God, dat was de basis, daarna gebed.
“gebed” is een algemene term voor aanbidden, danken, belijden, je hart uitstorten bij God. Het idee van “smeekbeden” is meer het ‘vragen’ aan God, het neerleggen van wat je nodig hebt. We zien dat doordat Daniël God meer helder zag, hij ook helderder kon gaan bidden.
- Hij voegde hier ‘vasten’ en ‘in zak en as’ aan toe. Hij vastte om méér tijd met God te hebben, wat volgens de Heere Jezus een normale gewoonte voor de christen hoort te zijn (Mattheüs 17). Het ‘zak en as’ gaat om rouwen over de situatie, het vooruitzicht en dat bij God brengen.
- God zien zet aan tot Bijbels gebed
Daniël kreeg, vanuit Gods Woord, een vernieuwde blik op God. God zien is het begin dat we nodig hebben, is de basis voor zoveel. Als we God niet zien, zullen we ook niet bidden zoals Hij dat wil. Door Hem te gaan zien voor Wie Hij is, zal je blik veranderen. En dat heb je nodig om correct te bidden.
- Gebed gebaseerd op het Woord zal een gebed vol vertrouwen zijn, een gebed in totale afhankelijkheid. Je zal gaan zien Wie God is en daardoor hoe hard je Hem nodig hebt. Hoe meer je Hem ziet, hoe meer jij mínder moet worden en Hij méér.
Door Gods Woord te zien heb je door dat gebed méér is dan dingen vragen. Je zal zien dat je álle reden hebt tot aanbidding, want zie Wie en hoe God is! Je zal je zonde gaan belijden, omdat je ziet hoe heilig en geweldig Hij is. Door Hem te zien zal je ook je klagen in alle openheid aan Zijn voeten leggen.
- Ook dankbaarheid zal meer en meer natuurlijk gaan stromen; want kijk Wie God is! Het is zo ontzettend nodig dat we God gaan zien; en het is tegelijk geweldig dat Hij Zichzelf láát kennen. Je mag Hem zoeken en vinden in Zijn Woord, in gebed. Dat is het beste dat er is.
- God zien leidt tot Bijbelse smeekbede
Daniël vróeg de Heere ook om zaken. Hij was niet bang, juist dóór God meer helder te gaan zien, om God dingen te vragen. Door het zien van God, veranderde wel wát hij vroeg en hoe. Hoe meer je God ziet, hoe minder dingen om jou gaan draaien. Je zal meer en meer vragen dat Gods wil zal gebeuren.
- Je zal je eigen vragen, twijfels, lijden, etc. in het licht gaan zien van Wie Hij is. En daardoor nog steeds Hem vragen je te helpen, maar je blik is veranderd. I.p.v. dat de situatie weggaat, vraag je nu om kracht om er doorheen te komen, de kracht om God-erend te volharden.
Hoe meer je God ziet als je rots, vesting, sterkte, Bevrijder, etc. (Psalm 18); hoe meer je in álles afhankelijk bent van Hem. Daarom is het zo nodig dat je Bijbels leert bidden, want door Zijn Woord zie je Hem en zal je álles van Hem gaan verwachten.
- God kennen en zien leidt tot anders vasten en rouwen
Daniël stopte niet bij bidden en smeken, hij vastte en rouwde. Vasten was o.a. om zijn hart en gedachten op God te richten, meer tijd te hebben voor gebed. Dat kan een heel nuttig iets zijn om te doen, om structureel te doen. Het is gezond, voor lichaam én ziel.
- Maar ook zijn rouwen veranderde door het zien van God. I.p.v. primair te rouwen over de situatie van Israël, verschuift het rouwen nu o.b.v. God zien. Hij zal meer bezig zijn geweest met belijden (v4), omdat Israël zelf de oorzaak was van hun ballingschap.
Je eigen ‘ik’, de oude natuur, zal structureel vasten of níet doen of om egoïstische redenen. Hoe meer je God ziet, hoe meer je op Hem gericht wil zijn; dus als eten dan in de weg staat, haal je dat tijdelijk weg. God verandert je denken, om meer heilig te zijn zoals Hij.
- Ook God-erend rouwen is anders. De focus gaat naar God, naar Wie Hij is. En mét God zal je ook dóór kunnen gaan van het rouwen. Door op God te zien wordt je situatie niet altijd anders, maar jij verandert ín je situatie.
Daniël bad tot “de HEERE, mijn God” (v4). Hij bad tot YHVH, “HEERE”, Elohim, “God”. Hij kénde God persoonlijk, hij had gezien Wie Hij is. Door het zien van God als Heerser, Schepper, Herder, Vader, heilig, almachtig, alwetend, etc. was hij God aan het leren kennen. En dat wil God nog steeds voor jou.
- Je mag Hem gaan leren kennen voor Wie Hij is. Je mag gaan zien, ervaren, begrijpen Wie Hij is. En dat is de grootste zegen die er is. Wie jij ook bent, wat je situatie ook is, Hij wil dat jij Hem kent. Je mag tijd met Hem doorbrengen in gebed, in Zijn Woord.
- Tijd met broeders en zusters is ook wat Hij gebruikt. Jij hebt het nodig om af te spreken en het over God te hebben. Je hebt het nodig om gescherpt te worden, bemoedigd, gecorrigeerd, etc. Allemaal om God meer te zien voor Wie Hij is.
Jakobus 4:8a “Nader tot God, en Hij zal tot u naderen.”
Dit is wat Daniël deed; hij naderde tot God in het Woord en gebed. En door dat naderen, liet God Zichzelf aan hem zien. Tot God naderen veranderde zijn gebed, maar ook zijn blik. Dít hebben we nodig, dit is waarom we hameren op het Woord, gebed, mediteren, etc. Nader tot God.
- Hoe meer je dit biddend doet, hoe meer dit je hartsverlangen wordt; hoe meer jij God gaat kennen voor Wie Hij is. En dat leidt ertoe dat jij veranderd wordt ín je situatie, dat je meer op Jezus gaat lijken, dat je meer gaat leven zoals Hij het wil.
God is heel persoonlijk, heel dichtbij. Hij houdt van jou, zorgt voor jou, draagt jou. Hij wil dat jij Hem kent, zodat Hij jou kan vormen, zodat Hij ook jouw gebed kan vormen. En dat begint in Zijn Woord. Daniël las Jeremia en werd gevormd in zijn gebed. Dat wil God bij jou ook doen.
- Dus kies er bewust voor om Hem te wíllen leren kennen, ín jouw situatie. Kies om Hem tijd te geven, hoeveel tijd dat ook is. Vraag Hem om Zichzelf aan jou te laten zien, mediteer op eigenschappen van Zijn karakter, denk biddend na over wat Zijn eigenschappen betekenen.
- En laat dat, het Hem meer zien voor Wie Hij is, je gebed hervormen. Laat het zien van Gods alwetendheid, grootheid, goedheid, geduld en nog zoveel meer jouw gebed leiden. Laat Wie Hij is bepalen wát jij vraagt en hóe jij bidt. Begin bij Hem.
Als je nog niet gelooft, mag ook jij God leren kennen. Hij láát Zich kennen, als grote God. Ook jij mag Hem kennen, Jezus heeft de weg geopend om bij God te komen. Geloof in Jezus als Zoon van God, dat is wat redt. Je hoeft niet alles te begrijpen, alleen aan te nemen dat wat Jezus zegt klopt.
Christen, God kennen vormt je gebed. Daarom heb jij het nodig om Hem écht te kennen.
- Hoe goed ken jij God? Hoe mooi is het dan dat Hij Zich láát kennen?!
- Wees bemoedigd om door Zijn Woord heen Hem beter te leren kennen, zodat jouw gebed hervormd wordt naar Wie Hij is. Niet méér tijd; bewustere, verlangde tijd naar Hem kennen.
2 Petrus 3:18 “Maar groei in de genade en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid, zowel nu als in de dag van de eeuwigheid. Amen.”