Daniël 8:15-27 – Gods Woord begrijpen is kostbaar
Jesaja 46:9-10 “Denk aan de dingen van vroeger, van oude tijden af, dat Ik God ben en niemand anders. Ik ben God, en er is er geen als Ik, Die vanaf het begin verkondigt wat het einde zal zijn, van oudsher de dingen die nog niet plaatsgevonden hebben; Die zegt: Mijn raadsbesluit houdt stand en Ik zal al Mijn welbehagen doen;”
God is zo ongelofelijk groot, zo bizar, zoveel groter dan wij ooit kunnen doorhebben. Het is echt niet te bevatten wat Hij doet in Daniël 8. Hij vertelt precies wát er gaat komen, wíe dingen gaan doen, etc. En dat vóór rijken, koningen en steden belangrijk waren. Hij wéét het, kondigt het aan en heerst.
- God voorzegt wat er gaat gebeuren. De laatste paar keer heb ik het gehad over ‘voorspeld’, dat was een verkeerde woordkeuze aan mijn kant. Bij ‘voorspellen’ gaat het om ‘raden’, ‘misschien wel – misschien niet’. Dit is 100% accuraat, correct tot in elk detail. God voorzegt.
Dat is wat Hij tot op de dag van vandaag kán en doet. Dit is Wie Hij is. God heerst, regeert op de troon van het universum en daarbuiten; Hij staat buiten de tijd. Hij is zo groot, dat Hij alles gemaakt heeft wat wij nodig hebben om te bestaan: tijd, ruimte en materie.
- Doordat Hij die 3 dingen gemaakt heeft, moet Hij gróter zijn dan die dingen. En die grootheid zien we in Daniël 8. Wij zijn beperkt door tijd, ruimte en materie; God is onbeperkt. Wij kunnen niet op meer dan 1 plek zijn, God kan dat wel. Zo groot en goed is Hij.
- En dat is de God Die wil dat jij Hem kent. God laat Zijn zorg voor Israël zien door deze profetieën te geven, Zijn compassie en leiding. Die God is niet veranderd, Hij kán niet veranderen. Hij laat zien dat die zorg, leiding en compassie er ook voor jou zijn.
v15-19 Gods Woord begrijpen is kostbaar – Daniël wil méér weten
Soms denken mensen dat ons geloof blind is, dat we niet meer zelf nadenken. Dat is niet waar. Daniël was een man van geloof, van gebed, van totale overgave aan God. En toch wilde hij “begrijpen” (v15), hij wilde dat God hem uitlegde wát hij gezien had, wat het betekende, hoe ermee om te gaan.
- De grondtekst zegt dat hij ‘begrip zocht’. Hij wilde snappen wat God hem vertelde, liet zien. En dat is een gezonde, Bijbelse houding. Het is heel goed om God vragen te stellen, dingen te willen begrijpen.
- Let daarbij op dat je onthoudt Wie Hij is, namelijk die ontzagwekkende, almachtige God. We mogen vrijmoedig komen (Hebreeën 4), en tegelijk vol ontzag (Hebreeën 12). Die balans mogen we leren.
- Als je daar een keer een fout in maakt, God is genadig. Hij vergeeft je als je Hem een keer met minder respect benaderd hebt dan goed is. Hij kent je door en door, Hij kan dingen van ons hebben. Maar we mogen wel leren Wie Hij is en hoe groot Hij is.
In Jesaja 1:18 zegt God ‘laat ons samen een rechtszaak voeren’; dat kan ook vertaald worden met ‘laten we samen logisch nadenken’, ‘samen redeneren’. God wil níet dat we ons brein uitschakelen, Hij wil ook niet dat we stoppen met denken.
- Hij wil dat we hervormd worden in ons denken, dat we gaan denken zoals Hij. Hij wil dat we Zijn standaard volgen, Zijn wil en Hem daarin vertrouwen. Dat is iets anders dan ‘stoppen met denken’. En dat zien we bij Daniël, hij wilde begrijpen wat God aan hem vertelde.
Hij zag iemand “met het uiterlijk van een man” (v15), dat is volgens sommigen een engel, volgens anderen God Zelf. God Zelf draagt Gabriël op in v16 om Daniël te vertellen wat hij zag. Alleen God kan namelijk een engel een opdracht geven (v16).
- God droeg Gabriël op om Daniël te laten ‘begrijpen’. Dit is een begrip dat door Goddelijk ingrijpen in Daniël gelegd werd. Met al zijn eigenschappen was Daniël niet slim genoeg om te begrijpen wat God hem liet zien. Zo werkt het altijd met geestelijke zaken; God moet ingrijpen.
Met het hele Woord is het zo dat we Gods ingrijpen nodig hebben om te begrijpen. Er is níks aan het Woord dat voor ons zomaar te begrijpen is. Daarom is het zo belangrijk dat we de Geest vragen ons te leiden in het lezen van Zijn Woord; Hij moet onze ogen openen.
Psalm 119:18 “Ontsluit mijn ogen en laat mij aanschouwen de wonderen van Uw wet.”
- Dit mag ons gebed zijn wanneer we Gods Woord openen. Hij wíl het ons bekend maken, Hij wíl dat je het begrijpt. God wíl dat je stilstaat bij Zijn Woord, erop mediteert. Hij wil méér voor je dan puur kennis tot je nemen.
- Te vaak nemen we tegenwoordig Gods Woord tot ons, zónder het echt te willen begrijpen. We horen een preek, een podcast, lezen een boek, etc. en gaan dan door. I.p.v. echt na te denken, te herkauwen, er biddend bij stil te staan.
- Dat was nodig voor Daniël om de profetie te begrijpen, dat is wat de psalmist bedoelt in Psalm 1 met ‘dag en nacht overdenken’. Te vaak zitten wij wel in het Woord, maar het Woord niet echt in ons.
- Dus ben jij op zoek naar het écht begrijpen van Gods Woord? Sta jij stil bij wat het Woord betekent, wat God wil zeggen over Zichzelf, hoe Hij jou meer op Jezus wil laten lijken, hoe je het toe kan passen? Of ga je door?
Daniël kreeg Gabriël naast zich, wat zo indrukwekkend was, dat Daniël angstig werd (v17). Hij wierp zich op de grond. Gabriël gaf aan dat deze profetie over “de tijd van het einde” ging. Dit helpt ons om te zien hoe deze profetie over méér gaat dan alleen de historische situatie van rijken na Babel.
- Daniël viel in een “diepe slaap” (v18), met zijn gezicht op de grond. Het was zó overweldigend wat hij meemaakte, hoorde en zag, dat hij flauwviel, in slaap viel. Hij werd wakker gemaakt door Gabriël en overeind gezet.
Ook hier zien we dat het écht gaan begrijpen van Gods Woord prachtig, maar prijzig is. Daniël viel in slaap, was overweldigd door wat hij zag. Het was niet alleen gezellig, leuk, bemoedigend en binnen zijn eigen kaders. Hij zag dingen die hij eng vond, die hem ‘ziek’ maakten.
- Dat is vaak niet hoe wij naar God en Zijn Woord kijken, dit is echter wel wat Zijn Woord óók is. We willen vaak dat God alleen maar mooie, leuke, prettige dingen doet in ons. We willen graag bemoedigd, opgebouwd, etc. worden. En dat is óók wat Gods Woord doet.
- Alleen, mag het Woord lezen en écht begrijpen je ook iets kosten? Mag het christen zijn méér zijn dan dat jíj gered bent? Het in God geloven was voor Daniël prachtig, maar kostbaar tegelijk.
- Hij ging door ballingschap, vervolging, moeite, etc. heen. En dan ook nog de visioenen, de dromen, etc. die hem veel kostten om te ontvangen. Hij was trouw, mocht God dienen, zag prachtige dingen van God; maar het mocht hem ook iets kosten.
v19-27 Gods Woord begrijpen is kostbaar – De uitleg en de kosten van het visioen
In v19-26 wordt de uitleg gegeven van wat Daniël gezien had. Hier wordt een bizarre situatie geschetst voor Daniëls ogen; hij gaat honderden jaren wereldgeschiedenis in 1 visioen zien. Hij gaat zien hoe er met zijn volk omgegaan wordt, wat echt niet allemaal leuk en gezellig was.
- In dat alles gaat hij zien dat God groter is, dat God bij Zijn volk is, dat Hij Zijn volk draagt. Hij zag Gods heerschappij, maar tegelijk ook dat er veel in de wereld gebeurt omdat er zonde is. Dit was een zeer dubbele, bizarre, ‘prijzige’ ervaring voor Daniël.
De ram met de twee horens (v20) “zijn de koningen van Medië en Perzië”. Dit verwijst ook naar v3-4, waar hij deze koningen zag; dit zit ook in H7, de beer; dit is het koninkrijk van zilver uit H2. Deze ram stootte allerlei kanten op met zijn kop om overwinningen te behalen.
- Medo-Perzië was een rijk dat uit 2 samengekomen groepen, de Meden en de Perzen. De ram is accuraat, want de Perzische heersers hadden een gouden ram bij zich op hun oorlogstochten, munten hadden een ram en hun mythische wezen Behram was een ram.
- Het Medo-Perzische rijk was aan de macht van 539 BC, tot 330 BC. In 539 BC hadden de Medo-Perzen het Babylonische rijk overwonnen. Wat, op het moment dat Daniël, geschreven werd, nog niet gebeurd was. Dit was toekomst.
- We zien hier Gods alwetendheid; Hij wees het Medo-Perzische rijk heel precies aan, door een ontzettend accuraat beeld te gebruiken. Doordat Hij de ram in het visioen stopte, klopt dit historisch in elk detail.
En tegelijk gebruikt God deze ram. Het is namelijk tijdens de regering van Cyrus dat Ezra de tempel mag herbouwen (Ezra 1). Tijdens de regering van Arthasasta mocht Nehemia de muren herbouwen (Nehemia 2) en Esther redde het Joodse volk onder Ahasveros (Esther 1).
- God wist dit allemaal al, Hij had dit allemaal onder controle. Hoe heftig dit visioen ook was voor Daniël, God overzag het allemaal. Hij was Zijn zorg voor Zijn volk, Zijn verbond met hen, nooit uit het oog verloren. Hij gebruikte goddeloze leiders om Zijn wil gedaan te krijgen.
Daarna zag hij een “harige geitenbok” (v21); die gigantisch veel rijken veroverde met grote snelheid. Gabriël zelf noemt dat deze geitenbok verwijst naar de Grieken, en dat “de grote hoorn die tussen zijn ogen zat” specifiek wijst op “de eerste koning”. De 1e koning was Alexander de Grote (v21).
- De Grieken overwonnen het Medo-Perzische rijk in 330 BC, onder leiding van Alexander de Grote. Hij kwam in 336 BC op 20-jarige leeftijd aan de macht en hij regeerde 13 jaar. In die tijd bracht hij het Griekse rijk van Egypte tot aan India. Hij was een briljant heerser.
Hij, Alexander de Grote, is de geitenbok. Verschillende Griekse afgoden leken op geiten, Alexander zelf stond op munten met de horens van een geit en volgens sommige bronnen had hij de horens van een geit op zijn helm op het strijdveld. Ook hier zien we dat God dit allemaal heel precies aanwijst.
- In v6-7 zien we hoe de geitenbok de ram aanvalt. Dit komt overeen met de strijd tussen de Grieken en Medo-Perzië, tussen 334BC en 331BC. Alexander de Grote veroverde het Medo-Perzische rijk in een paar jaar, terwijl dat een gigantisch rijk was. Gods hand was met de Griek.
Alexander de Grote wordt gezien (v8) als “uitermate groot”, een van de meest briljante militaire geesten ooit. En toen ging hij plotseling dood; de grote hoorn brak af. Hij stierf in Babel, het paleis van Nebukadnezar, op 32-jarige leeftijd. Hij had álles veroverd wat bekend was en nu was hij dood.
- Dit is het moment dat er 4 generaals het rijk van Alexander gingen verdelen (v22). Ook dit was al voorzien door de Heere, zoals álles tot in detail is uitgekomen.
- Ptolemaeus Soter kreeg Egypte en Cyrene
- Seleucus Nicator kreeg Mesopotamië, Perzië en Syrië
- Cassander kreeg Macedonië en Griekenland
- Lysimachus kreeg Thracië (naast Griekenland) en delen van Turkije
Dit is belangrijk, de focus verschuift naar Israël. En Ptolemy kreeg Israël, waar Gods focus ligt.
- Geen van deze 4 rijken zouden ooit zo machtig worden als wat Alexander opgebouwd had. Geen van deze generaals was een strateeg als Alexander; na de dood van de ‘grote hoorn’, waren de Grieken veel minder sterk.
Uit Ptolemy Soter het laatste stuk (v23-26). Hier wordt gesproken over “een meedogenloze koning” (v23), die bedreven is in “slinkse streken”. Dat is precies Antiochus Epiphanes, de koning die zichzelf ‘God op aarde’ noemt. Deze koning wordt tot in detail beschreven in v23-26.
- Profetie in de Bijbel heeft vaak een dichtbij- en een veraf vervulling. De profetie in Jesaja 7, Jezus Die aangekondigd wordt als Immanuel, ging over een zoontje dat geboren zou worden. In de ‘dichtbij’ zin ging dat over een zoontje als bewijs voor Achaz, aan wie Jesaja profeteerde.
- De ‘veraf’ vervulling ging over Jezus, als Immanuel (Mattheüs 1), Die kwam als God Zelf. Dat is een patroon dat we door de hele Bijbel heen zien, een patroon dat ook op Daniël 8 te leggen is. Er zitten ook heel duidelijk verwijzingen in de tekst, dat er een veraf vervulling is.
- In v17 en v19 spreekt Gabriël over “de tijd van het einde”, dat is een duidelijke hint naar dat er gesproken wordt over dingen die veraf zijn. Ook in v23 zegt hij “aan het einde van hun koningschap”.
- Dit is belangrijk, omdat Antiochus stierf vóór het einde van het Griekse rijk. Hoe klopt dat met de historische tijdslijn? Hoe kunnen we dan zeggen dat de Bijbel historisch waar is en dat Daniël inderdaad honderden jaren vóór Antiochus geschreven is?
Dit is waar profetie met een dubbele vervulling zichtbaar wordt. We weten heel duidelijk dat de ram Medo-Perzië is en de geitenbok Griekenland. We weten dat de grote hoorn Alexander de Grote is, en dat er uit de geitenbok vier koninkrijken komen, met 1 daarvan die specifiek heftig voor Israël is.
- Die tijdslijn brengt ons bij Antiochus en wat we lezen in v23-26 en hoe hij verschrikkelijk gaat regeren in Israël. Die tijdslijn spreekt over een “meedogenloze koning”, “bedreven in slinkse streken” (v23).
- We zien dat Antiochus ‘wonderlijke’ dingen doet, wat alleen door satans macht kan. Hij was zeker niet gelovig, want hij richt veel ‘verderf’ aan. Hij richt velen te gronde, juist ook vanuit Israël (v24). Dit is historisch waar; hij doodde duizenden Joden.
- Hij was heel sluw, door met geld te strooien, vriendelijk over te komen, maar uiteindelijk op te staan tegen God Zelf, “de Vorst der vorsten” (v25) Hij zet een valse hogepriester neer, laat de tempeldienst stoppen en vereert afgoden ín de tempel.
v25 omschrijft hoe Antiochus “zonder mensenhand” gebroken werd, stierf. 2 Maccabëen 9 zegt dat hij wraak wilde nemen op de Joden, door Jeruzalem in een ‘massagraf’ te veranderen. Na die woorden kreeg hij verlammende buikpijn, om vervolgens van zijn wagen gegooid te worden en te sterven.
- Dit is allemaal de ‘dichtbij’ vervulling van Gods Woord, die historisch accuraat gebleken is tot in elk detail. Ook hierin zien we weer hoe groot onze God is. Hij regeert, overziet alles, weet alles. Daarom is Hij ook de God Die het waard is om te volgen, lief te hebben, te aanbidden.
Er is ook een ‘veraf’ vervulling van dit alles. Jezus Zelf spreekt hierover in Mattheüs 24, Markus 13 en Lukas 21. Jezus spreekt daar over “de gruwel van de verwoesting” (v15). Specifiek gaat dit om wat Daniël 9:27 tot in detail omschrijft.
Daniël 9:26-27 “Na de tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hemzelf zijn. Een volk van een vorst, een volk dat komen zal, zal de stad en het heiligdom te gronde richten. Het einde ervan zal zijn in de overstromende vloed en tot het einde toe zal er oorlog zijn, verwoestingen waartoe vast besloten is. Hij zal voor velen het verbond versterken, één week lang. Halverwege de week zal Hij slachtoffer en graanoffer doen ophouden. Over de gruwelijke vleugel zal een verwoester zijn, zelfs tot aan de voleinding, die, vast besloten, uitgegoten zal worden over de verwoeste.”
- Zonder op alle details in te gaan, dat komt nog, wordt hier gesproken over “een vorst” die “de stad en het heiligdom te gronde richt” (v26). Hij zal offers doen stoppen en wordt een “verwoester” genoemd (v27).
- Als je dit legt naast wat Antiochus gedaan heeft, dan zie je dat hij de ‘OT-antichrist’ is. En dat er tegelijk nog een veel heftigere antichrist gaat komen. We zien hier dat er door Gabriël in de toekomst gekeken wordt, Israëls toekomst, en dat er hen nog veel wacht.
Daniël ziet een nabije vervulling, maar ook de veraf vervulling. Hij ziet de antichrist, die in beide gevallen verschrikkelijke dingen zal doen. Lees Openbaring maar om te zien wat hij allemaal gaat doen. En die veraf vervulling is waar wij heel dichtbij zijn.
- De opname van de kerk is heel dichtbij, we leven in de laatste dagen. De profetische tijdslijn van Gods Woord heeft niks meer erop staan dat nog móet gebeuren voor de opname kan plaatsvinden. Het vestigen van Israël als land, 14 mei 1948, was het laatste.
- Dat is belangrijk voor ons, zodat we weten hóe te leven in deze tijd.
Weten dat we in de laatste dagen leven, hoort ons aan te vuren, aan te sporen, te bemoedigen. We mogen zien dat Gods Woord wáár is, dat God Dezelfde is, dat Hij redt, liefheeft, zorgt, etc. Hij wijst de mens op Zichzelf, op onze nood voor Hem en Zijn redding die Hij aanbiedt aan ieder mens.
- Door de laatste dagen zien we dat de noodzaak voor heilig leven belangrijk is, het brengen van het Evangelie, maar zeker ook God op 1 zetten in álles. En dat kost je iets. Het kostte Daniël heel veel om dit visioen te ontvangen. Wat mag God volgen jou kosten deze dagen?
Daniël ziet dingen die “de waarheid” zijn (v26), dingen die wonderlijk zijn en daarom “geheim” gehouden moesten worden. De grondtekst wijs hier letterlijk op ‘verzegelen’, met als doel iets door te kunnen geven. Dit was het type verzegelen dat gebeurde met belangrijke documenten.
Daniël kón niet meer na het zien en horen van dit alles. Hij was “enige dagen ziek”, hij was “verbijsterd” door wat hij zag (v27). Het effect van Gods Woord ontvangen, Gods Woord serieus nemen, God beter willen leren kennen en begrijpen was heel heftig; maar het was het wel waard.
- Hij nam daarna ook gewoon zijn taken als dienaar aan het hof weer op, hij kon zelfs ‘zonder dat men het merkte’ weer gaan dienen. Daniël was trouw aan God, wat het hem ook kostte om Gods Woord te ontvangen en naleven. Hij bleef afhankelijk van God, ongeacht de kosten.
- Gods Woord ontvangen is heel kostbaar; zowel in de zin van ‘mooi’, als in de zin van ‘duur’. Het is niet niks, het kost je wat. En tegelijk is het Woord geweldig, is God het waard. Daarom is het belangrijk dat jij je afvraagt of jij de kosten berekend hebt?
Jezus, ons voorbeeld in alles, deed álles dat de Vader Hem vroeg; dat kostte Hem Zijn leven. Jezus begreep God beter dan Wie dan ook; Hij stierf een pijnlijke dood voor jou en mij. Jezus kende de toekomst en Zijn leven stond volledig in dienst van God en jou. Hij had de kosten berekend.
- Daniël is een voorbeeld, maar Jezus nog veel meer. Hij had Zichzelf in álles overgegeven aan God, wat de prijs ook was. En dat is de vraag die bij jou en mij ligt. Wetende in welke tijd we leven, wetende dat Hij het voorbeeld is, hoe kostbaar is God voor jou? En Zijn Woord?
- Ben jij bereid je agenda om te gooien voor Jezus? Ben jij bereid je buren over Jezus te vertellen? Ben je bereid om te verhuizen voor Jezus? Ben jij bereid om iets ‘engs’ te doen voor Hem? Of is jouw comfort belangrijker dan Jezus?
- Ben jij bereid om je leven écht volledig aan Jezus te geven? Ben jij bereid om álles te doen dat God van je vraagt? Ben jij bereid uit je comfort te stappen en God de volledige controle over je denken, doen en laten te geven?
- Laat ik het anders vragen: wat ben jij níet bereid op te geven voor God? En waarom? Zijn er dingen die jou meer waard zijn dan God, dan Jezus en Zijn offer, dan de inwoning van de Heilige Geest? Díe dingen zet jij boven God.
- Zijn er relaties, spullen, etc. die jij kostbaarder vindt dan God? Is jouw baan, zekerheid, huis, salarisstrook, auto, familie, etc. kostbaarder dan God? Als er íets is dat jij kostbaarder vindt, níet bereid bent op te geven, dan is trots in je hart en een afgod.
Lukas 14:27 “En wie zijn kruis niet draagt en achter Mij aan komt, kan geen discipel van Mij zijn.”
God voorzegt tot in detail wat er gaat gebeuren met Israël, Hij weet het. Hij weet ook precies wat de toekomst hen gaat kosten; datzelfde geldt voor Daniël en ons. God kennen, Zijn Woord meer gaan kennen is kostbaar; maar Hij is het meer dan waard.
- God is oneindig veel beter dan álles, dan al het andere. God kennen, écht kennen, is het allerbeste en moet ons álles waard zijn. Dat is namelijk wat Hij aan ons gaf, álles. Laat God je hart onderzoeken, of Hij jou ook echt álles waard is of niet.
Als je nog niet gelooft, vandaag is de dag. Kies vandaag voor God, want Hij is zoveel beter dan alles. Hij weet en ziet alles, Hij kent jou door en door. Hij gaf álles, het allerbeste: Zichzelf. En dat omdat Hij van jou houdt. Geloof in Jezus, dat redt. Vraag vergeving voor je zonde en volg Hem.
Christen, Gods Woord begrijpen is kostbaar. Het is prachtig en duur tegelijk; het is het zó waard.
- Wíl jij Gods Woord begrijpen? Of vind je het wel ok?
- Mediteer jij op Gods Woord? Of neem je vooral kennis tot je? Mediteren kan niet op ‘veel’, dat doe je op een beetje. Dat ga je biddend doorgronden. En daarna pas door.
- Wat mag God leren begrijpen jou kosten?
2 Thessalonicenzen 2:16-17 “En onze Heere Jezus Christus Zelf en onze God en Vader, Die ons heeft liefgehad en ons een eeuwige troost en goede hoop gegeven heeft uit genade, moge uw harten vertroosten en u in elk goed woord en werk versterken.”