Daniël 11:36-45 – U bent met mij; Gods antwoord op de toekomst
Psalm 23:4 “Al ging ik ook door een dal vol schaduw van de dood, ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij.”
Soms voelt het leven als een “dal vol schaduw van de dood”. Soms word je overspoeld door moeite, pijn, duisternis, etc. Dat is iets van alle tijden, iets dat iedereen meemaakt. De vraag is hoe je hiermee om kan gaan, hoe je hier doorheen komt: “U bent met mij”.
- Daniël 11 geeft ons chaos, verachtelijke koningen, oorlogen, vervolging, etc. Dat voelt allemaal als een “dal vol schaduw van de dood”. Maar, gelukkig, “U bent met mij”; Gods antwoord op de toekomst. Dat is de hoop die we hebben, de zekerheid, de zegen, de glorie. God is met jou.
v36-45 – Grote Plaatje
Er zijn verschillende meningen over wat Daniël hier te horen en zien krijgt. Sommigen zien dit als vervuld in Antiochus, dus als geschiedenis. Anderen, zoals wij, zien dit als toekomstig; als iets dat in Openbaring 16 en 19 vervuld zal gaan worden.
- Wat we zien is dat er een koning is die heerst en zichzelf tot ‘god’ zal verklaren (v36). Hij zal een vreemde god aanbidden en proberen de wereld daarin mee te nemen (v37-39). Religie is bepalend voor veel mensen, dus móet deze koning mensen een religie geven om ze te leiden.
- Vervolgens zal deze koning oorlogen voeren in en rond Israël (v40-45). Er zal een alliantie van landen uit het ‘noorden’ zijn, die samen Israël aanvallen. Er zal tegenstand zijn uit het ‘zuiden’, maar uiteindelijk zal deze koning verliezen en sterven, niemand zal hem helpen.
Dit is het grote idee, het plaatje dat geschetst wordt door de engel die dit doorgeeft aan Daniël. Het is heftig, het is groots, het is moeilijk te begrijpen. Er is minder beschrijving dan de eerdere verzen, wat ruimte geeft voor interpretatie van wat er hier gebeurt.
- Ook hier is het zo dat God dit voorzegt. Hij wéét het, Hij heeft onder controle, Hij bestuurt, heerst en regeert. Niks hiervan is buiten Gods controle. Doordat Hij het wéét, kunnen we de zekerheid hebben dat Hij ónze situatie ook ziet, kent en onder controle heeft.
- Landen, koningen, rijken; het ontgaat Hem allemaal niet. Hij is de soevereine Heerser over alles, Hij is aanwezig in alles. Zo is Hij ook bíj jou in jouw situatie. De Schepper van hemel en aarde wil jou helpen, dragen en sturen in alles.
- Niks is buiten Zijn blik, niks wat jij meemaakt is voor Hem nieuw of onoverkomelijk. God houdt van je, zorgt voor je, draagt je ín de situatie. Hij wil de situatie gebruiken om je meer op Hem te laten vertrouwen, meer op Jezus te laten lijken.
Wat er ook speelt, het antwoord is “U bent met mij”. De prachtige zegen dat Jezus bij je is, dat de Geest ín je woont; dat heb je nodig. Dat is waarheid en troost, dat is zekerheid en hoop. Daar mag je je blik op richten, je gedachten op dwingen. God is bij je; altijd, onwankelbaar, onfeilbaar.
v35-36 – De antichrist wil dat je naar jezelf luistert
In het visioen dat Daniël krijgt verschuiven we van geschiedenis, Antiochus Epiphanes (v21-35), naar toekomst (v36-45). Die verschuiving zit in v35: “tot de tijd van het einde, want het wacht nog tot de vastgestelde tijd”. De dingen ná v35 zijn níet uitgekomen in Antiochus.
- Hij heeft nooit zichzelf tot god verklaard (v36-39) of de specifieke oorlogen voeren die hier genoemd worden (v40-45). Waar v21-35 heel specifiek zijn, heel precies over zijn daden, is dat niet te zeggen over de laatste verzen. Daarom zien we een verschuiving naar de toekomst.
- Conservatieve commentatoren zijn het grotendeels eens dat Daniël een blik krijgt op de persoon die ‘de antichrist’ wordt genoemd. Het woord ‘antichrist’ wordt vaak gezien als ‘tegen Christus’, maar het is meer ‘in plaats van’ Christus.
1 Johannes 2:18 “Kinderen, het is het laatste uur; en zoals u gehoord hebt dat de antichrist eraan komt, zijn er ook nu al veel antichristen gekomen, waaruit wij weten dat het het laatste uur is.”
Johannes, onder leiding van de Heilige Geest, laat zien dat het idee van Jezus vervangen een ding van álle tijden is. Het is makkelijker dan we doorhebben om Jezus te vervangen door iets of iemand. Er staat sneller dan we willen toegeven iets of iemand boven Jezus in ons hart.
- De antichrist is iemand die “zal handelen naar eigen goeddunken. Hij zal zich verheffen en zich groot maken boven elke god. Hij zal tegen de God der goden wonderlijke dingen spreken”. Dit is het patroon van alles dat ‘in plaats van Christus’ is. Het patroon voor het einde én nu.
Het woord ‘christen’ betekent ‘als Christus’. Dat betekent dat wij ‘als Christus’ horen te zijn in álles dat we denken, doen en laten. I.p.v. ons ‘eigen goeddunken’ horen onze daden geleid te worden door God, door Zijn Geest en Zijn Woord.
2 Timotheüs 3:1-5 “En weet dit dat in de laatste dagen zware tijden zullen aanbreken. Want de mensen zullen liefhebbers zijn van zichzelf, geldzuchtig, grootsprekers, hoogmoedig, lasteraars, hun ouders ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig, zonder natuurlijke liefde, onverzoenlijk, kwaadsprekers, onmatig, wreed, zonder liefde voor het goede, verraders, roekeloos, verwaand, meer liefhebbers van zingenot dan liefhebbers van God. Zij hebben een schijn van godsvrucht, maar hebben de kracht ervan verloochend. Keer u ook van hen af.”
- Paulus omschrijft ónze tijd, maar ook de tijd die nog komen gaat. Het éérste bewijs dat de laatste dagen zwaar zullen zijn, is dat mensen ‘liefhebbers zijn van zichzelf’ (v2). Je luistert naar waar je van houdt; dus luistert men vooral naar zichzelf.
- Is dat niet kenmerkend voor onze tijd? Voor het advies dat je overal om je heen hoort? Luister naar je hart, luister naar je lichaam, doe wat past bij het ‘label’ dat je hebt. We worden geleefd door andere stemmen dan die van Gods Woord.
- Nu is er niks mis met goed op je lichaam letten, om dingen over jezelf te weten komen. Maar als een label, een situatie, ziekte, voorkeur, etc. gaat bepalen bóven Gods Woord, dan heb je een probleem.
Jezus Christus, God Zelf, weet wat goed voor je is. Zijn leiding is de beste leiding; Hij is de Goede Herder Die voor Zijn schapen zorgt zoals alleen Hij kan. Hij leidt naar stille wateren, Hij verkwikt je ziel. Alleen Hij kan je geven wat je nodig hebt; niet het luisteren naar “eigen goeddunken” of iets anders.
- In elke situatie mag je weten “U bent met mij”, God Zelf is mét en bíj je. Dat is wat jij nodig hebt, Wie jij nodig hebt. Hij is het beste, de mooiste, de meest wijze. Die God is goed voor jou, Zijn advies en leiding gaan vér boven alles dat jij kan bedenken.
Spreuken 3:5-8 “Vertrouw op de HEERE met heel je hart, en steun op je eigen inzicht niet. Ken Hem in al je wegen, dan zal Híj je paden rechtmaken. Wees niet wijs in je eigen ogen: vrees de HEERE en keer je af van het kwade. Het zal een medicijn zijn voor je navel en verfrissing voor je beenderen.”
Ga voor je vragen, met je noden, in álles naar God. Vraag niet aan jezelf, je label, je ziekte, etc. wat jij nodig hebt, wat jij kan, wat goed is. Stel al je vragen aan de Heere, laat Hem je leven leiden. Dat is het beste, daar is de zorg te krijgen die goed is voor lichaam, ziel en geest.
v37-39 – De antichrist verleidt tot afgoderij
De antichrist zal een nieuwe wereldreligie instellen, die uiteindelijk satanisch blijkt te zijn. Hij eert de goden van zijn ouders niet (v37), maar ook Jezus Christus niet. De zinsconstructie ‘het verlangen van’ wordt in Haggaï 2:8 en 1 Samuel 9:20 ook gebruikt.
- Kijkend naar het Hebreeuws, zeggen commentatoren dat ‘het verlangen van de vrouwen’ gaat om iets waar de vrouwen naar verlangden. Joodse vrouwen willen allemaal de moeder van de Messias zijn; de antichrist zal niet op hun verlangen letten.
Wat betekent dit? De antichrist zal níet de goden van zijn vaderen aanbidden, maar óók Jezus niet. Hij zal Jezus niet erkennen als Messias, hij zal een andere god aanbidden (v38). Dat zal een andere god zijn dan zijn voorvaderen, maar hij zal die god eren met grote rijkdommen.
- Hij zal ‘versterkte vestingen’ maken voor deze god (v39), hij zal zeer materialistisch zijn. De afgod moet aanbeden worden met rijkdommen, hij krijgt tempels, etc. Hij eert alleen wie hém eren, niemand anders. Alles is gericht op de antichrist, op zijn ideeën.
- De daden van de antichrist laten zien dat hij zichzelf op de plek van Jezus probeert te zetten, Jezus probeert te vervangen. Hij wil dat mensen hém gaan volgen, i.p.v. Jezus. En dat is het probleem, het vervangen van Jezus voor iets of iemand anders.
Sinds het begin probeert satan de mens te verleiden om God te vervangen, om iets bóven God te plaatsen in ons hart. Toen Adam en Eva zondigden, kozen zij om zichzelf en hun eigen wil bóven God te plaatsen. Ze vervingen God door hun eigen verlangens.
Exodus 20:3-4 “U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben. U zult voor uzelf geen beeld maken, geen enkele afbeelding van wat boven in de hemel, of beneden op de aarde of in het water onder de aarde is.”
- Elke keer wanneer wij iets belangrijker vinden dan God, hebben we een afgod, een antichrist, in ons leven. Gezin, geld, status, baan, huis, kinderen, je looks, gewicht, mening van anderen, een sport- of popidool, kerk, bediening, jezelf, etc. Allemaal dingen die we bóven God zetten.
Heidelbergse Catechismus: “Afgoderij is, in de plaats des enigen waren Gods, Die Zich in Zijn Woord geopenbaard heeft, of benevens/naast Hem, iets anders verzinnen of hebben, waarop de mens zijn vertrouwen zet.”
We zien de antichrist in v37-39 zichzelf op die plek zetten. We zien dat hij wil dat mensen op hém gaan vertrouwen, i.p.v. op God. En dat is een probleem van alle tijden. Een probleem in jouw en mijn hart, een zaak die we serieus moeten oppakken.
- Alles dat je belangrijker vindt dan God, is een afgod. Alles waar je wakker voor gemaakt kan worden, waar je meer tijd, geld en energie in wil stoppen dan God, is een afgod. Alles waar je meer van houdt dan God, is een afgod.
1 Korinthe 10:14 “Daarom, mijn geliefden, vlucht weg van de afgodendienst.”
Het antwoord hierop is: bekering en op Jezus zien. Wanneer je inziet dat je een afgod in je hart hebt, kan je je hiervan bekeren. Je kan belijden dat dat in je hart zit, zodat je naar Jezus kan keren en álles van Hem kan verwachten.
Romeinen 12:1 “Ik roep u er dan toe op, broeders, door de ontfermingen van God, om uw lichamen aan God te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk: dat is uw redelijke godsdienst.”
- I.p.v. te leven voor je afgod, is de juiste keuze om te leven voor God. Om je leven op Gods altaar te leggen, om álles van jezelf op te geven voor Hem. En dat puur omdat je weet dat dit goed is, omdat je ziet dat Hij beter is, genadiger, meer liefdevol, etc. dan al het andere.
- In de laatste dagen hebben mensen ‘een schijn van godsvrucht’, maar niet echt. De daden van de antichrist zullen zo zijn, maar dit zien we ook overal om ons heen. Mensen zijn ‘spiritueel’, doen yoga, mediteren, etc. Het líjkt mooi, maar is het niet.
- Zo kan het ook met jou zijn; jij kan God vervangen voor dingen. Relatie vervangen voor ‘genoeg’ bidden en Bijbellezen, ‘genoeg’ dienen, ‘lief genoeg zijn’, etc. Dat is allemaal niet wat God wil; Hij wil op plek 1 staan in jouw hart, jouw God boven en in alles zijn.
In de vallei van de schaduw van de dood zie je waar je naartoe rent; God of iets/iemand anders. In vreugde en voorspoed zie je of jij nog vertrouwt op God. Waar jij naartoe rent laat zien waar je hart naar uitgaat, wat je belangrijk vindt, waar je je vertrouwen op stelt.
- “U bent met mij” heb je nodig. Geen afgod is zo goed als onze God, geen afgod vervult zoals Hij. Het is zo geweldig, zo mooi, zo’n zegen om te zien Wie God is; dat is wat vervuld, wat leven geeft, wat je dóór die vallei heen helpt. Ren naar Hem met álles, want Hij is bij je.
v40-45 – De antichrist voert de laatste oorlog
Daniël hoort wannéér de antichrist oorlog gaat voeren: “in de tijd van het einde” (v40). Dit zal een oorlog met het ‘zuiden’ zijn (v40), maar die ook Israël erbij betrekt (v41). Hij zal overwinnen, maar een aantal landen zullen “ontkomen”. Geen totale overwinning.
- De oorlog wordt wel voortgezet, ook tegen Egypte (v42). Hij zal ongelofelijk rijk zijn en zal ook verschillende Afrikaanse landen meeslepen in dit conflict (v43). Er zullen geruchten zijn uit het oosten en noorden (v44), wat leidt tot ‘grimmige aanvallen’.
Dit zal leiden tot het opzetten van “de tenten van zijn paleis” “bij de berg van het heilige sieraad” (v45). Dit lijkt te gaan over Jeruzalem, dat de antichrist daar zijn ‘paleis’ zal opzetten. Hij zal landen, volken, etc. misleiden in deze oorlog en zélf proberen te overwinnen.
- Gezien in het grotere plaatje, lijkt dit rond Openbaring 16 en 19 te gebeuren. De oorlogen van Ezechiël 38-39 lijken vóór de Grote Verdrukking te gebeuren; Daniël 11:40-45 lijken daar middenín te zitten.
- Het lijkt erop dat de oorlogen die vóór de Grote Verdrukking komen, de mens klaar proberen te maken voor de antichrist. Er moet iets catastrofaals gebeuren wil de wereld één leider accepteren, één economie, één wereldreligie.
Aangezien dit toekomstig is, kan dit ‘ver van je bed’ voelen. Het kan lijken alsof dit ‘niet relevant’ is voor ons. Zeker aangezien ik ervan overtuigd ben dat de gemeente opgenomen wordt vóór de Grote Verdrukking; waarom is dit dan belangrijk om te weten?
- Weten wat er gaat komen, oorlogen en tijden, hoort ons waakzaam te maken. We leven in een tijd van oorlog, gekke economische ontwikkelingen, bizarre leiders op het toneel. En ín dat alles moeten we onze ogen op Jezus gericht houden.
Onze theologie op de eindtijd, op de opname, mag níet tot gevolg hebben dat we denken dat ‘vervolging niet zal gebeuren’, dat we ‘met ons hoofd in de hemel leven’, etc. Dit hoort een aantal dingen in ons te doen:
- Actief heiligheid nastreven
2 Petrus 3:11-12 “Als deze dingen dus allemaal vergaan, hoedanig behoort u dan te zijn in heilige levenswandel en in godsvrucht; u, die de komst van de dag van God verwacht en daarnaar verlangt, de dag waarop de hemelen, door vuur aangestoken, zullen vergaan en de elementen brandend zullen wegsmelten.”
Weten wat er komt hoort ook actieve heiliging in ons op te wekken. Zien hoe de antichrist de wereld gaat misleiden, hoort te veroorzaken dat we méér voor God willen leven, i.p.v. onszelf. Méér op Jezus lijken, méér heilig zoals Hij, méér strijden tegen de zonde, de wereld en de duivel.
- We hebben dagelijks te maken met de strijd tegen zonde, verleiding om compromissen te sluiten. In deze strijd mag je weten “U bent met mij”, God wil je helpen om de strijd aan te gaan in Zijn kracht, vanuit Zijn overwinning.
Juist in deze tijd is een heilige levenswandel nodig, om niet mee te gaan met de ‘antichristen’ die er nu al zijn. Dat geldt voor jouw persoonlijke wandel, maar ook relaties/huwelijk, gezin, werk, etc. Overal moet de standaard ‘heilig’ zijn, geleid door de Geest.
- Dit vraagt overgave aan God, maar ook daadwerkelijk strijden tegen de zonde. Je kan niet achteroverleunen, je mag álles aan Hem geven en dan door Zijn kracht strijden. Zien wat er komen gaat hoort dat in jou te doen.
- Actief delen
Mattheüs 28:18-20 “En Jezus kwam naar hen toe, sprak met hen en zei: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde. Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, hun lerend alles wat Ik u geboden heb, in acht te nemen. En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld. Amen.”
We moeten juist actief zijn, ons geloof delen met mensen, hen waarschuwen voor wat er gaat komen. De hoop die we hebben delen, “U bent met mij”; overal mensen het Evangelie vertellen. Wetende wat er komt, moet dát het belangrijkste zijn. Dat delen, mensen op Jezus wijzen moet onze reactie zijn.
- Hoe meer we over de eindtijd te weten komen, hoe meer ons hart moet gaan kloppen voor de nog-niet-gelovigen. Mensen, zielen, gaan verloren. En God wil jóu gebruiken om hen te bereiken. Dat is soms eng, spannend, moeilijk, etc. Maar het is wel wat écht belangrijk is.
Zien dat er een antichrist komt, die de wereld achter zichzelf aan wil laten gaan, die oorlog zal gaan voeren, hoort ons actief te maken in getuigen, in woord én daad. We hebben beide nodig, de een kan niet zonder de ander.
- Eindtijd is dus niet ‘ver van je bed’, we leven in de laatste dagen. Eindtijd hoort actief te maken, te zorgen dat we thuis, op school, in onze straat, op werk, etc. over Jezus vertellen. “U bent met mij” is het antwoord dat íeder mens nodig heeft; deel dat actief.
Psalm 23:4 “Al ging ik ook door een dal vol schaduw van de dood, ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij.”
De eindtijd zien, de verleiding, de misleiding, de oorlogen, etc. kan je bang maken. Het kan ook als effect hebben dat je apathisch wordt, afwachtend, opgeeft, etc. Daarom is het zo belangrijk om Psalm 23 voor ogen te houden: “U bent met mij”. In de diepte, in de strijd, in de moeite, is Hij bij je.
- De vallei is waar de vrucht groeit, maar ook de plek die heel moeilijk kan zijn. God is bij je. In de vallei zal Zijn liefde, glorie, zorg, genade en barmhartigheid zichtbaar zijn. Dat is naar Wie je mag rennen in gebed, Wie je beter mag leren kennen door Zijn Woord. Dat is jouw God.
- Jezus bemoedigt je in Mattheüs 28 dat Hij álle macht heeft en dat Hij bij je zal zijn tot het einde. Hij weet dat wij door die vallei gaan, Hij weet dat we een toekomstbeeld voor de aarde zien dat niet rooskleurig is; maar Híj is bij je. Dat bemoedigt.
Wees dus bemoedigd; ondanks alles dat er gaat komen, ondanks alle oorlogen, etc. “U bent met mij”. Dat geeft hoop, dat is wat nodig is. Zowel op de bergtop, als in diep in het dal, God is bij je. Zijn hand helpt je overeind, Zijn liefde strekt zich uit naar jou. Hij is God, ren naar Hem met álles.
Als je nog niet gelooft, God is er ook voor jou. Zijn liefde gaat uit naar íeder mens, is er voor íedereen. Geloof in Jezus als Zoon van God en je bent gered. Kies voor Hem, geef je leven aan Hem, geloof in Hem. Accepteer Jezus’ offer voor jouw zonde, keer van je zonde af en leef voor Hem.
Christen, U bent met mij; Gods antwoord op de toekomst.
- Luister niet naar jezelf, ren naar God
- Leg alle afgoden af, vertrouw op God
- Hoe onzeker de toekomst ook mag lijken, God is met je
Numeri 6:24-26 “De HEERE zegene u en behoede u! De HEERE doe Zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig! De HEERE verheffe Zijn aangezicht over u en geve u vrede!”