God vertelt ons heel veel over Wie Hij is in Zijn Woord. Hij vertelt dat Hij soeverein is (Daniël 4:17-25, Psalm 135:6), Hij leert de mens dat Hij alwetend is (Jesaja 40:13-14, Psalm 139:1-3). Hij is almachtig (Genesis 17:1, Openbaring 1:8) en Hij is rechtvaardig (Deuteronomium 32:4, Jeremia 12:1). Al deze eigenschappen van God zorgen ervoor dat Hij doet wat Hij wil en dat Hij alles weet wat er op aarde gebeurt.  Hij kan alles doen wat logisch is en Hij moet alle zonde straffen. De conclusie van deze eigenschappen is dat God al het kwaad ziet, dat Hij kwaad kan stoppen en dat Hij alle kwaad wil straffen. De vraag is dan, waarom houdt God het kwaad niet tegen?

Waar komt het kwaad vandaan?

Belangrijk bij deze vraag is waar kwaad vandaan komt. Er zijn mensen die zeggen en geloven dat God het kwaad geschapen heeft, dit is echter niet Bijbels en dus niet juist. De Bijbel zegt het volgende over God: Hij is goed (Psalm 136:1), Hij is liefde (1 Johannes 4:8), Hij is genadig (Psalm 145:8). Al deze eigenschappen van God maken het onmogelijk dat Hij het kwaad geschapen zou hebben. Als God niet goed zou zijn maar slecht, zou God ook nooit het kwaad kunnen overwinnen. Dus, God heeft het kwaad niet geschapen, waar komt het dan vandaan?

In Genesis 3 wordt de eerste zonde gepleegd, Adam en Eva gaan tegen Gods gebod in. Ze leefden in een perfecte omgeving, in perfect harmonie met God en toch zondigden ze. God was niet verantwoordelijk voor hun keuze, dat waren ze zelf. Adam en Eva kozen er zelf voor om te zondigen, ze kozen zelf voor het overtreden van Gods wet. De mensheid, elk individu is verantwoordelijk voor het kwaad in deze wereld; elk mens zondigt en breekt daarmee Gods wet.

Waarom grijpt God niet in?

Wat nou als God bij al het kwaad in zou grijpen? Als we de Bijbelse definitie van kwaad erbij pakken, zien we dat al het kwaad tegen de natuur van God ingaat (Psalm 51:6). Het kwaad is datgene wat Gods wet overtreed (Genesis 3:11). Dus alles wat tegen Gods natuur ingaat, alles wat Zijn wet overtreedt, is iets waar God tegen in zou moeten grijpen.

Stel God doet dat, dan krijg je de volgende situatie: we willen dat Hij specifieke dingen tegenhoudt. We willen graag dat God allerlei dingen tegenhoudt die wij niet fijn vinden. Daarentegen willen we niet dat God ook de “kleine” dingen stopt, de dingen die wij zelf doen. We willen wel dat God het verkrachten van mensen stopt, we willen niet dat God onze buitenechtelijke relaties stopt. We willen wel dat God een moordenaar stopt, maar niet dat Hij ons stopt van het haten van iemand. God moet wel een dief stoppen, maar we willen niet dat God ons tegenhoudt om de overheid of de belastingdienst op te lichten. Wie trekt de grens? Wie beslist er wat wel en niet tegengehouden wordt? Als God in zou grijpen tegen alles wat Zijn wet overtreedt, dan zal Hij tegen alle zonden, ingrijpen.

God zou ook iedereen die iets doet dat tegen Zijn wil ingaat direct kunnen weghalen van deze wereld. Romeinen 3:23 leert echter dat elk mens zondigt, zonde gaat tegen Gods wil in, wat betekent dat elk mens van de wereld verwijdert zou moeten worden.

Vrije wil

Een andere manier om naar deze vraag te kijken is vrije wil. God wil dat de mens ervoor kiest om Hem te aanbidden, God wil dat we er voor kiezen om Hem lief te hebben. God wil geen robots die Hem automatisch liefhebben, God wil een relatie met ieder mens hebben. Liefde kan niet opgedrongen worden, je kan iemand niet dwingen om van je te houden. God kan ons dus ook niet dwingen om van Hem te houden, Hij heeft ons daarom de vrije wil gegeven om te kiezen. Wanneer de Heilige Geest iemand overtuigd (Johannes 16:8), kan die persoon kiezen voor God.

Romeinen 1 geeft aan dat de consequentie van het kiezen tegen God, is dat er steeds meer zonde in iemands leven zal zijn. Mensen zullen overgegeven worden “aan de begeerten van hun hart” (Romeinen 1:24), mensen zullen steeds ergere dingen doen. Dat is wat de keuze tegen God met de mens doet in dit leven.

Hoop: Gods genade

In al deze dingen, in alle omstandigheden is er Gods genade. God biedt elk mens genade aan, elk mens kan kiezen voor Zijn genade, voor Zijn goede en liefdevolle hand. Elk mens kan kiezen om Zijn genade aan te nemen, zich te bekeren en Hem na te volgen. Gods genade haalt misschien niet de omstandigheden weg, maar Hij zal je wel een hoopvolle toekomst geven (Jeremia 29:11), een toekomst van de eeuwigheid met God doorbrengen in de hemel. Bid tot God dat de Heilige Geest tot je zal spreken, vraag Hem om je ogen te openen, zodat je Hem zal zien.

Als je hier vragen over hebt of over door wil praten, neem contact met ons op.